Naar inhoud
 > 
Inga en Steven op wereldreis - 2006/2007
dIS (dienst Internationale Samenwerking)

Adres + Contact

Oud gemeentehuis
Leopold II-laan 2
8670 Oostduinkerke


Tel. 058 51 08 92
E-mail

Openingstijden

Maandag gesloten
Dinsdag 08.00 tot 12.00 uur
gesloten
Woensdag gesloten
Donderdag 08.00 tot 12.00 uur
gesloten
Vrijdag gesloten

En buiten de kantooruren na afspraak.

Inga en Steven op wereldreis - 2006/2007

Hoe het allemaal begon…
mail: Eind augustus 2006

‘Vele mensen hebben dromen, maar weinigen maken ze ook waar.' We weten niet of we dit citaat van iemand hebben gestolen of we het zelf hebben verzonnen, maar het is in ieder geval een heel gepast zinnetje. Vraag ons niet meer naar de week, laat staan de dag of het uur waarop we besloten de wijde wereld in te trekken. We kunnen het ons, eerlijk gezegd, niet meer herinneren. Maar dat doet er niet toe, want het is als het ware niet meer dan logisch dat wij ooit op wereldreis zouden gaan. Na onze vele reiservaringen in het verleden is het nu bijna zover. onze dromen werden plannen en deze plannen worden nu héél binnenkort werkelijkheid ! Dinsdag 5 september om 15u nemen we ons vliegtuig richting India op zoek naar het grote avontuur !

Voorbereidingen ‘Hoe lang zijn jullie al bezig met de voorbereidingen ? Wat nemen jullie allemaal mee ? Welke inentingen hebben jullie gekregen ?' Het is maar een greep uit de vele vragen die mensen ons stellen. Om iedereen op zijn wenken te bedienen volgt daarom hieronder een overzicht van de belangrijkste stappen in onze voorbereidingen. Tja, hoe begin je er eigenlijk aan? Er moet immers zoveel gebeuren. Omdat het ergens toch wel een stap in het onbekende is, zijn we ons beetje per beetje in het onderwerp gaan verdiepen. We kochten enkele boeken met titels als ‘Footprint' en ‘Lonely Planet' en surften op het internet op zoek naar verhalen van (ex)wereldreizigers. Een beeld krijgen van het grote avontuur dat wereldreis heet is echter maar een eerste kleine stap. Het grote, echte voorbereidingswerk moet dan nog beginnen...

Waar naartoe?
Vraag ons niet hoeveel landen de wereld telt, maar het zijn er veel, heel veel. Het is dan ook verdomd moeilijk om daaruit een keuze te maken. Een jaar lijkt misschien wel lang, maar dat is het eigenlijk niet.
Natuurlijk vallen er logischerwijze al en heleboel landen uit de boot omdat ze :

  • te dichtbij huis liggen (je kan moeilijk je noorderburen gaan bezoeken en dan zeggen dat je op wereldreis bent geweest)
  • te gevaarlijk zijn (we zie graag vuurwerk, maar er zijn grenzen)
  • te vrouwonvriendelijk zijn (Hmm Inga in een burka ???)
  • zich op het verkeerde (vijfde) continent bevinden (zie vliegtuigticket)
  • te duur zijn (anders zou Antarctica ook op ons lijstje staan)
  • onverstaanbaar zijn (Spaans leren ging nog net, maar we hadden niet voldoende tijd om Chinees of Russisch in te oefenen)

    We horen jullie al denken : schiet er eigenlijk nog wel iets over? Jawel ! Trouwens zo'n negatieve keuze hoeft niet per se slecht te zijn. Vanaf het moment dat je enkele voorkeurslanden hebt, gaat de rest als het ware vanzelf. Rekening houdend met de seizoenen, het tijdschema, de bereikbaarheid en de logische volgorde van de te bezoeken landen... kwamen we al gauw tot onze definitieve lijst:

    05/09/06 – 30/09/06 India ( we trekken overland richting Nepal ) 01/10/06 – 31/10/06 Nepal ( 21-Daagse trektocht door Himalaya tot 5800m + weekje meditatie )
    01/11/06 – 10/11/06 Filippijnen ( duiken )
    11/11/06 – 30/11/06 Indonesie ( duiken )
    01/12/06 – 03/12/06 Hong Kong ( shoppen ;-)
    04/12/06 – 20/02/07 Australië ( 10 weken van W naar O in onze kampeerwagen of Shaggon Wagon )
    21/02/07 – 28/02/07 Nieuw Caledonië ( Inga haar Frans onderhouden en chillen )
    01/03/07 – 07/04/07 Nieuw Zeeland ( rondtrekken )
    08/04/07 – ... Zuid-Amerika ( Patagonië / Chili / Argentinië / Bolivië / Peru / Ecuador / Galapagos)

    Of deze lijst de perfecte is, durven we niet te beweren, maar we zijn er wel zeker van dat we een ‘groot deel van de wereld' gaan gezien hebben en dat ze ons dat niet meer kunnen afnemen. Natuurlijk zal het ene land beter meevallen dan het andere, maar het is juist de verscheidenheid van natuur en cultuur dat reizen zo boeiend maakt.

    Vliegtuigticket.
    Hoewel je vaak als sardines in een blik op elkaar zit geprangd, je oren suizen bij het dalen, ze de raampjes verduisteren als je naar buiten wil kijken en het licht weer naar binnen laten wanneer je net lekker ligt te slapen, geeft vliegen ons toch altijd zo'n fijn vakantiegevoel. Nu zullen we in totaal zestien keer het vliegtuig nemen – tussenstops niet inbegrepen – met dat vakantiegevoel zit het dus wel goed…
    Als je de voorbereidingen van andere wereldreizigers leest, kom je al snel tot de vaststelling dat er heel wat verschillende formules bestaan om de wereld rond te vliegen. Sommige mensen boeken één enkele vlucht naar hun eerste bestemming en kopen daar dan hun volgende vliegtuigticket. Anderen nemen een retourticket met de mogelijkheid om onderweg ergens te stoppen (stop-over). Nog anderen stellen zelf hun vluchten samen, al dan niet met een bestaande formule. Wij kozen voor deze laatste optie en trokken naar Joker waar we onze plannen besproken en zochten naar een formule die daar het beste bij aansloot: een Oneworld Explorer 4 continents Round-the-World ticket (met British Airways als belangrijkste vliegtuigmaatschappij). Met deze formule mogen we in één jaar tijd maximaal 20 vluchten nemen in 4 verschillende continenten. We kunnen de data van de vluchten gratis veranderen en wanneer we de route willen wijzigen, betalen we slechts 75 dollar. Het Round-the-World ticket geeft ons dus de vrijheid om al eens wat langer dan gepland ergens te blijven of juist sneller te vertrekken. We betalen 2500 euro p.p. + taksen. Als je kijkt naar de flexibiliteit van de formule en het feit dat reeds alles op voorhand geregeld is en je dus geen kopzorgen meer kunt hebben, vinden wij dat best wel een scherpe prijs. Koop maar eens een vliegtuigticketje naar Australië …. We zullen in ieder geval heel wat uren op luchthavens en vliegtuigen doorbrengen, maar dat hoort nu eenmaal bij het reizen.

    Voorbereidingen deel II

    Gezondheid
    Of we het nu willen of niet, ziek worden zullen we waarschijnlijk toch. Zo proberen we ons er nu al mentaal op voor te bereiden dat we waarschijnlijk verschillende uren in het kleine kamertje zullen moeten doorbrengen. Maar zoals het spreekwoord ‘beter voorkomen, dan genezen' voorschrijft, zullen we er alles aan doen om gezond te blijven. Zo zijn we enkele keren langs geweest bij het Instituut van Tropische Geneeskunde in Gent. Zo hebben we een inenting gekregen tegen : tetanus, difterie, polio, rabies, hepatitis A en B, buiktyfus en gele koorts. Daarnaast kregen we verschillende voorschriften mee, voor ondermeer antibiotica en malariapillen. Voorzorgsmaatregelen genoeg dus.
    In ons medicijnenkistje zitten naast de gewone zaken als pleisters en pijnstillers ook medicijnen tegen hoogteziekte, laten we hopen dat we deze niet nodig zullen hebben als we naar de Annapurna Base Camp trekken. Bovendien hebben we ons gezond laten verklaren bij de tandarts.

    Paspoort en visa
    Spijtig genoeg raak je met je Belgische identiteitskaart niet ver. Volgens mij zouden we ergens in de luchthaven van Zaventem en met wat geluk in de luchthaven van Heathrow stranden. Daarom hebben we ons maar een internationaal paspoort aangeschaft. Maar ook dit blijkt voor sommige landen niet voldoende te zijn. Dan speel je al de toerist en ben je een bron van inkomsten voor de plaatselijke bevolking en dan vragen ze je nog te betalen om het land binnen te mogen.
    Het zijn vooral de Aziatische landen die visumverplichtingen hebben. Sinds de aanslag op Bali, die het leven kostte aan bijna 200 toeristen, zijn de veiligheidsmaatregelen enorm verscherpt en moet je ook als Europeaan in het bezit zijn van een visum. Wie niet in orde is komt het land gewoonweg niet binnen.

    Reisbenodigdheden
    Op dit ogenblik zijn we reeds gepakt en gezakt. De rugzakken wegen ongeveer vijftien kilogram elk en daar zijn we best tevreden mee, zeker als je weet wat er allemaal in zit. Als je aan doorwinterde reizigers een inpaktip vraagt, zeggen ze steevast dat je niet te veel mag meenemen. We hebben getracht dit op te volgen, maar zullen waarschijnlijk nog dingen bij hebben die we nauwelijks gaan gebruiken en dus eigenlijk overbodig zijn.
    Voor de geïnteresseerden volgt hier een overzicht van de inhoud van onze rugzakken. Sommige zaken – medicijnen bijvoorbeeld - zijn natuurlijk gemeenschappelijk en eerlijk verdeeld over beide rugzakken.
    Kleding: 1 lange afritsbare broek , een short-rokje, 3 t-shirts met korte mouwen, 1 met lange mouwen, een fleece, een windstopper, 5 onderbroeken, 3 topjes, thermisch ondergoed, 2 paar sokken, een bikini, een paar bergschoenen en sandalen (de kleren die we aandoen om te vertrekken zijn inbegrepen)
    Toiletgerief: tandenborstel, tandpasta, douchegel, shampoo, kam, zakdoekjes, nagelknipper, maandverband, scheermesje, twee sneldrogende handdoeken
    Medicijnen: malariapillen, antibiotica, gaas, tape, pleisters, compeed, ontsmettingszalf, immodium, Dafalgan, keeltabletjes, Touristil, ORS, DEET, zalf tegen beten, zonnecrème, Labello, thermometer, pincet, zuiveringstabletten, anti-conceptie, oordopjes, hygiënische doekjes
    Allerlei: dagrugzak, rugzakhoes, fototoestel, I-pod, lucifers, theelichtje, wasknijpers, touw, plakband, naaigerief, sloten, zakmes, bestek, afwaszeep
    Slaapgerief: slaapzak, zijden lakenzak, tent
    Boeken en schrijfgerief: dagboek, kostenboekje, adressenboekje, assimil
    Documenten: geldbeugel, paspoort, identiteitskaart, vliegticketten, bankkaarten, geld, internationaal rijbewijs, vaccinatieboekje, duiklogboek, papieren verzekering, bloedgroepkaartje, studentenkaart, enkele foto's, pasfoto's, kopies documenten

    Afscheid nemen
    Natuurlijk vertrek je niet voor een jaar op reis zonder eerst afscheid te nemen van vrienden en familie. Ons feestje van dertien mei was een perfecte gelegenheid om vele vrienden samen te brengen. Het doet best wel raar om tegen mensen ‘tot volgend jaar' te moeten zeggen. De laatste weken hebben we nog enorm genoten van het samenzijn met vrienden. De talrijke etentjes en uitstapjes zullen zeker nog vele keren door onze gedachten glijden.

    Nu zijn we klaar voor ons vertrek. Dit zijn de laatste woorden vanuit België, binnen enkele dagen kunnen jullie ons eerste Indisch verslag lezen. Ons avontuur kan nu echt beginnen… 

    We zijn goed aangekomen in India!
    mail: 6 september 2006

    Net aangekomen in India.
    Megadrukte, getoeter langs alle kanten, vuile geuren overal, maar we genieten van de sfeer en passen ons aan. Morgen bezoeken we New Delhi en het oude stadsgedeelte. Daarna volgt de rest van ons verslag in het lang en breed als we wat meer inspiratie hebben, want het uurverschil doet onze hersencellen wat minder goed werken
    We hebben trouwens een goede vlucht gehad, maar we voelen het uurverschil wel. De warmte en hoge vochtigheidsgraad doet onze kleren plakken aan ons lichaam.
    Het was trouwens de max toe te komen in India en onze vrienden Pieter en Ruth aan te treffen die ons opwachten aan de douanecontrole. Samen met hen trekken we deze maand door India en breien we er dan nog samen ons Himalaya avontuur aan vast. Goed, vandaag gaan we het relatief kort houden daar we 'versleten' zijn van de heenreis, maar je hoort nog van ons.

    India: you hate it or you love it...
    mail: 12 september 2006

    Jaja, ons eerste weekje in india is al mooi gevorderd en het resultaat tot nu toe is ' WE LOVE IT ' ....
    Na een dagje op onze positieven komen in Delhi zijn we woensdag vertrokken op ontdekkingstocht in deze immense stad. We werden direct ingewijd in de stad en zijn cultuur want in de eerste week van september is er telkens een optocht door de straten van Delhi met enorm veel kabaal, dronken Indiers, paars poeder dat ze in het rond strooien en prachtige praalwagens om de geboorte van Krishna te herdenken. Het was een waar genoegen dit al van in het begin mee te maken.
    Delhi verschilt enorm veel van andere Indiaanse steden. Hier krioelen miljoenen inwoners als mieren in hun nest. Men ziet overal bedelaars met mankementjes, vrouwen met baby's op de arm smekend om eten en tal van heilige koeien die de stad ook willen verkennen! Dan spreken we nog niet van de fietsriksja's (zo'n fiets met een 2 wielig gedeelte eraan), taxi's, toektoeks en tanga's (door paarden getrokken karren). Deze mensen verdienen geld door de rijkere klassen rond te voeren. Ook al zweten ze zich te pletter, opgeven doen ze nooit. Er is trouwens ook een groot verschil tussen Oud en New Delhi!
    Laten we beginnen bij het oude. In de avond zijn hier weinig of geen toeristen te bespeuren. Het enige wat je hier hoort is getoeter met daar boven op de oproep tot het gebed van de muezzin (gebedsomroeper). Fantastisch ! Oud Delhi is het echte Delhi. Dit gedeelte staat ook bekend ondert de naam Shahjahanabad (gebouwd door een magolkeizer Shah Jahan). De mensen hier leven er in miniscule en kronkelige steegjes. Ze leven traditioneel in open krottige huisjes (horveli's). Deze mensen weigeren hardnekkig te verhuizen ook al mochten ze een luxueuzere woning aangeboden krijgen.
    New - Delhi is opgetrokken rond brede lanen met langs beide kanten bougainvilles, flamboyante bomen ( dit zijn bomen die ook veelvuldig voorkomen in de Nederlandse Antillen) en amandelbomen. Connaught Place bevindt zich hier ook, dit is het luxueuze gedeelte van Delhi met tal van restaurants en shops en 'chichi' winkeltjes. Het is er iets minder druk dan in Old Delhi. We zijn er dan ook de eerste avond gaan eten in een locaal restaurantje aangeraden door een local. De menukaart lezen viel echter wel beetje tegen want van die Indiaanse krullen kunnen wij niet veel maken. Dan maar op de gok een Zuid Indiaans gerecht gekozen met de nadruk op ' not spicy en no ice '. Wat bleek, we kregen een mengelingske van alle soorten dipsausjes en zelfs natuur yoghurt om op en door onze warme groentjes te mengen :-(
    De 2 steden zijn heel duidelijk van elkaar gescheiden. Vervolgens hebben we New en Old Delhi bezocht met als belangrijkste plaatsen: India Gate, Parlementsgebouw, Ghandi Museum, Jantar Mantar, het impressionante Red Fort en de locale niet toeristische wijkjes in Chandni Chowk. Bij valavond zijn we nog eens gaan rondtoeren op de Silvermarket om met een voldaan gevoel Delhi te verlaten. 
    Ter info :
    * Gate of India: een triomboog die veel weggeeft van Arc de Triomphe op de Champs-Elysees, maar dan met een Indiaanse toets natuurlijk.
    * Parlementsgebouw: is helaas niet te bezoeken vanbinnen. Enorm gebouw omgeven door 144 zuilen.
    * Het Rode Fort: volledig door rode stenen opgetrokken waardoor het nog indrukwekkender lijkt met tal van binnen pleintjes.
    * Ghandi Nationaal Museum: Je kent hem wel nog van in de lessen op school toen je klein was, de geestelijke vader van het hedendaagse India. Hij stimuleerde de indiers om textiel zelf te maken en daarbij liet hij zelfs alle engelse kledij verbranden.

    Donderdagmorgen zijn we dan heel vroeg vertrokken richting Jaipur. Jaipur wordt ook wel de Pink City genoemd. Het is de hoofdstad van de kleurrijke deelstaat Rajasthan. De ideale manier om Indiaanse geuren en kleuren op te snuiven is langsgaan bij de lokale bevolking. Zo hebben we in een oud bouwvallig fabriekspand gezien hoe tientallen kinderen in erbarmelijke omstandigheden de sari's maken. Weinig eten en keiharde handenarbeid voor kost en inwoon. Ze hadden het ons verbloemd en gezegd dat het weeskinderen waren die een 2de kans kregen, dit ook om geld te verdienen en daarmee konden studeren. Maar niets is minder waar..
    Vervolgens heb ik (Inga) bij de lokale bevolking mijn hand met Henna laten beschilderen in de echte Indiaanse stijl. Dit is normaal een versiering die de vrouwen krijgen als ze in het huwelijk treden of bij speciale feestelijkheden laten aanbrengen. Deze handschildering blijft minstens 2 weken op de handpalm staan. Op weg naar huis op de lokale marktjes vroegen we toevallig om een foto te nemen van de vele kruiden in een bouwvallig stalletje. We mochten er opeens mee naar beneden waar de kruiden gewogen werden in de kelder om deze daarna in zakjes te steken en te verkopen. De aroma's van de kruiden drongen diep door tot in onze kledij, neus en mond. Zakken vol kruiden en specerijen hebben we gezien en uiteindelijk toch een 100gr van onze lievelingskruiden gekocht, zoals dropkruid dat je moet vermengen in je mond met suiker. Heerlijk! De volgende dag in Jaipur hebben we paleizen bezocht. De prachtige paleizen en forten in en rond Jaipur worden opgesierd door vrouwen in de meest kleurrijke sari's.
    Een van de prachtigste paleizen die we hebben gepasseerd is het Paleis der Winden - Hama Mahal ( Paleis enkel met ruime gevel met doorkijkjes en gluurwandjes ) 
    Ondanks het grote inwonersaantal is het een aangename stad waar we de lokale bevolking echt hebben leren kennen. Op straat lopen de Rajasthaanse mannen met hun enorme snorren en tulbanden en de met sieraden behangen vrouwen in de meest fel gekleurde sari's van India. Bij het rijden richting Amber Fort hebben we nog prachtige beelden van het WaterPaleis genomen. Gelegen in Lake Pichola. Dit is helaas niet te bezichtigen van dichtbij maar de beelden spreken voor zich.
    Amberfort kun je bezoeken per olifant. By the way daar staan wel zeker 30 olifanten te wachten op hun passagier. Maar wij hebben de beklimming van het Fort te voet afgelegd. Kwestie van wat te oefenen voor de Annapurna. Het Amberfort ligt op een rots en wordt omgeven door een lange dikke muur van 9km die golvend over de heuvels loopt. Een beetje te vergelijken met de chinese muur maar in het mini. Vandaar terug naar 'huis' en wat foto's selecteren om later bij volgende poging door te sturen. By the way, de foto's proberen we zo snel mogelijk door te sturen maar de internet verbinding is hier niet altijd even formidastisch ... De verbinding valt heeeel geregeld uit zodat we steeds opnieuw kunnen beginnen, kwestie van ons nie te stressen zeker ;-)

    Zondag vroeg in de morgen vertrokken richting Bharatpur... Bharatpur is vooral gekend voor het Keolade Nationaal Park en vogelreservaat. Vanuit ons hotel hebben we fietsen gehuurd. Niet veel soeps maar we hadden toch een vervoermiddel. Je kent da wel van die fietsen zoals in de garnaalstoet waarmee de vrouwen vis verkochten. Er mankeerde vanalles aan onze fietskes nl. pedaal hebben we halverwege afgetrapt, zadelpen was vastgeroest dus zaten we met onze knieen tegen 't stuur en da zadel was gewoon lik een steen maar met een sarong onder je poeptje konden we de pijn wa verlichten.
    Er zijn tal van vogelsoorten, hindes, hyena's, antilopen, wilde katten, apen, sambars ( paardeherten ) en zelfs phytons. Dit zou een van de grootste reptielen ter wereld zijn, niet giftig maar wel lief naar 't schijnt. Wijzelf hebben enkel reigers gezien, massa's vogels, apen, sambars, waterschildpadden. Het park is 29 km2 met moerasgebieden in het regenseizoen, dus we hebben een schoon toerke kunnen fietsen. Aangekomen in ons hotelletje heb ik (Inga) een body peeling massage laten doen. Vreemd maar toch eens goed vooral als je van Delhi komt. Verder hebben we nog de Taj Mahal bezocht op ja, ja, 11 september. Hare Krishna... maar de rest verklappen we in onze volgende mail.

    Taj Mahal : Een mooier gebaar voor de vrouw bestaat niet....
    mail: 17 september 2006



    Op 11 september hebben het mooiste en beroemdste gebouw ter wereld bezocht ...de Taj Mahal gelegen in Agra.

    150 km voor Agra begint de 'Highway' (snelweg), al is dit een groot woord als je weet dat er geregeld nog fietsers rijden of een slenterde heilige koe, stier of vaars de weg in gevaar brengen. Soms stopt de 'Highway' om dan iets verderop terug te beginnen. Daarbij zijn soms één van de banen ingenomen met verkopers of gaat de weg over in een eenvaksbaantje. Wel bangelijk als je dan om de 2 minuten zo'n vrachtwagen als tegenligger hebt en niemand plaats wil maken.

    Even kort ter informatie waarom het gebouw (Taj Mahal) zo'n pracht uitstraalt (zowel binnen als van buiten). Taj Mahal is een marmeren mausoleum. Dit immense gebouw is gelegen aan de oever van de Yamuna-rivier. Een tijdloos, gestileerd en volkomen symmetrisch gebouw in marmer, zo wit net alsof het ivoor is. Het is een monument voor de vrouw!! Ja ja, had iedere vrouw maar dat geluk dat ze een paleis voor je bouwen. De naam van de vrouw Taj, was Muntar Mahal, een Perzische prinses, gehuwd in 1612 met keizer Shah Jahan, één van de laatste grote Mogulheersers van India. Zij was zijn tweede vrouw maar de relatie en de passie die de keizer met haar ontwikkelde, maakte hen onafscheidelijk, zowel in de paleizen als in de hofhouding. Mumtaz Mahal stierf in 1631, door complicaties bij het baren van haar viertiende kind. Ze was 39. Het was haar dood die de ontroostbare keizer inspireerde tot het oprichten van het meest ontroerende mausoleum ter wereld. Zowel binnen als buiten is het marmer van de Taj Mahal ingelegd met duizend figuren en bloemen in halfedelsteen. Als je ziet dat een roos ter grootte van een euro uit 20 stukjes jade bestaat, valt het niet moeilijk te begrijpen dat 20.000 mensen 22 jaar aan de graftombe hebben gewerkt. De architect was een Pers: Isa Khan uit het huidige Iran. De prinses haar toenmalige man, Shah Jahan, had overigens nog grootsere plannen: voor hemzelf wilde hij een identiek mausoleum laten bouwen op de andere oever van de Yamuna-rivier. Ditmaal in zwart marmer. Een tweede tragedie in zijn leven verhinderde dat. Hij werd in 1659 door zijn bloedeigen zoon gevangen gezet in het meer dan imposante fort van Agra. Tot aan zijn dood in 1666 sleet de afgezette keizer zijn dagen in zijn gevangenismausoleum dat hij voor zijn geliefde liet bouwen. Hij werd naast haar bijgezet in de grafkamer.

    We hebben een 3tal uur rondgeslenterd in de omgeving van dit meesterwerk en onze ogen hebben zich geen moment verveeld. Het is inderdaad buitengewoon prachtig zoals jullie reeds op enkele foto's hebben kunnen waarnemen.

    De volgende morgen richting Gwalior gereden. Een heel klein dorpje waar een heel gemoedelijke sfeer heerst en waar wij als enige toerist volop in de belangstelling stonden. De smaak van het kopen bij de locale bevolking hadden we al te pakken van in Delhi, gewoon fruit en groenten kopen zoals de echte Indiers geeft ons een zalig gevoel. Toen we bij een fruitkar stonden en begonnen afdingen voor een tros bananen was dit voor de lokale bevolking ongewoon en een ware attractie. Een 'mutte' van wel ongeveer veertig man krioelde rond ons. Net alsof we BV's waren. Hier hebben we trouwens ook een gevangene op straat zien liggen, geketend en gehandboeid aan armen en voeten met een prop in zijn mond. Hoe hij daar kwam, blijft voor ons een raadsel??? Het slapen die nacht viel niet zo goed mee. Enorm veel lawaai en gebabbel daar de desk van de receptie vlak naast onze kamer was! Gelukkig bestaan er oordoppen en hebben we rond een uur of 2 's nachts toch nog de slaap kunnen vatten op ons matraske op de grond.

    De volgende morgen 13 september zijn we vertrokken richting Orchha. Op weg naar dit kleine dorpje kregen we plots het lumineuze idee om eens te stoppen in een schooltje in Jhansi en te vragen of we mochten kijken hoe het schoolsysteem hier in z'n werk gaat. De directrice was direct rond de vinger gedraaid en in het eerste klasje ging Inga al prompt op de eerste rij zitten en begon ze een klapke te doen met de kindjes. De ganse klas natuurlijk in glorie want een paar van die bleekscheten krijgen ze nu ook niet iedere dag over de vloer. Het was echt tof om dit allemaal live mee te maken daar het allemaal zo spontaan was. Toen de schoolbel rond 13h15 ging en de kinderen perfect gediciplineerd de trappen afkwamen werden we overrompeld met de vraag of we in hun schriftjes onze naam wilden plaatsen met een krabbeltje erbij. De max!

    Aangekomen in Orccha bevonden we ons echt op het platteland en waren rust en vrede de belangrijkste ingrediënten voor ons geslaagd verblijf in dit dorpje. We zijn er 2 dagen gebleven en hebben genoten van een locaal restaurantje en gewoon wat 'gechilled'. Hier hadden we geen last van aanklampende verkopers en dit deed ons al deugd. De bewoners zijn er vriendelijk en de 'sadhoes' poseren er zonder fooi voor een foto. Een perfecte stop dus en ons uitgebreid ontbijt met een prachtig zicht op het Fort was ook echt zalig.

    Gisteren zijn we aangekomen in Khajuraho. Khajuraho is de erotische stad ... we voelden ons dus direct thuis ;-) In de waterpoelen in het veld wassen de mensen hun waterbuffels tot het zwart van hun vel is. Dit is ook het middeleeuwse India, waar aftroggelaars om de 20km de weg met houten slagboom afsluiten en geld vragen voor het passeren. Als je dit negeert en doorrijd, mag je verwachten dat ze stenen gooien en iets verderop de weg versperen. Onze chauffeur deed uiterst zijn best, hij wist dus van aanpakken, gelukkig maar. Naar Indiase begrippen woont er nauwelijks volk in dit stadje: minder dan 10duizend zielen, maar in het hoogseizoen komen vanuit de hele wereld mensen kijken naar de tempelarchitectuur van het dorpje dat eens de hoofdstad van het machtige rijk van de Chandeles en zijn gelijknamige dynastie was. Mensen vergapen zich aan de erotische sculpturen op de tempeltoren, dit zijn geen gewone afbeeldingen maar vrijende paartjes en posities en standjes die ze uit de kamassutra boekjes hebben gehaald. Erg he, misschien komen vele mensen wel naar hier om inspiratie op te doen voordat ze de daad doen?? Hmm, al hebben we wel onze twijfels als we buffels en paarden in het liefdesspel zien voorkomen ... De gidsen van hier beweren dat het zeker geen pornografie is. We zouden het de oversekste torens van Khajuraho kunnen noemen maar het is zeker de moeite om ze eens te bestuderen! 's Morgens vroeg wassen de vrouwen zich hier ook in de rivier waar ze ook tot rust komen en terwijl ook hun sari wassen. Morgenvroeg vertrekken we richting Allahabad en daarna riching Varanasi...het einde van India is inzicht snif snif.


    Erotiek... wablief? Neen, de Kamasutra!
    mail: Vrijdag 22 september

    Aangekomen in Khajuraho. Een beetje drukker dan het vorige stadje Orcha, maar wel eveneens zeer aangenaam. Eenmaal aangekomen hebben we lekker gerelaxed en genoten van de zonsondergang. Die avond lekker gaan eten in restaurant 'Paradise' met als ondertitel 'betrouw bar eten'. Het was inderdaad betrouwbaar en dus een aanrader om nog eens lekkere groentjes te eten ... eindelijk nog eens een deftige maaltijd hmm.

    Onze volgende morgen was uniek, maar typisch voor India, Yoga. Om 7h00 's morgens op het dak van ons hotel. Het deed ons goed dat uurtje yoga. Daarna wat rondgehangen in het stadje en wat inkopen gedaan zoals sjaaltjes tegen de warmte en toevallig ook meelderij voor het malen van bloem gevonden in de kleine steegjes en een smid die zilveren ringen maakte maar volledig met de hand, een echte kunstenaar.

    Khajuraho is een heerlijk rustig stadje en bovenal redelijk proper althans voor India. Het is bekend om de tempels met de erotische sculpturen. Buiten de tempels valt er weinig te doen, behalve het shoppen in piepkleine winkeltjes. Na lange ritten in de auto is dit de perfecte stop voor enkele dagen. Dus voor ons ideaal om wat uit te rusten.

    De tempels van Khajuraho werden in de 10de en 11de eeuw gebouwd. Van de 85 tempels die er toen stonden, zijn er nog 22 over. Al heel wat wetenschappers hebben er tijd ingestopt om te achterhalen wat erotiek voor hen betekende.
    Hier staat Kamasutra echt centraal en dit kun je merken door de talrijke boekjes die de kinderen of volwassenen verkopen, of de beeldjes in marmer waar alle mogelijke (en onmogelijke) posities in uitgebeeld worden.. Sommige standjes passen in het geheel, maar sommigen gaan wel echt ver, als je weet dat de liefde bedreven wordt met dieren.. Waar deze sculpturen en ideeen vandaan komen dat weet niemand, zelfs na vele jaren onderzoek. Volgens de tantracultuur zijn de liefdesscenes een teken van zichzelf, een soort meditatie. Eigenlijk de beste manier om te mediteren.
    Geloof het of niet maar zelfs de kinderen hier kunnen een aardig mondje Spaans, Nederlands, Frans, Italiaans,... Dit omdat vele zuiderse westerlingen hier komen om de erotiek op te snuiven en de kunstwerken te bezichtigen. Is dit dan Kamasutra of is dit erotiek ?

    Op 54 km van Khajuraho vandaan ligt ook een diamantenmijn. Kan intressant zijn om een koopje te doen ;-)

    We hebben hier enkele dagen verbleven, gezien de volgende etappes weer wat zwaarder worden door de langere autoritten. Gelukkig hebben we een autootje met airco ....We hebben trouwens de kostprijs van ons traject over land kunnen delen met Ruth en Pieter wat voor ons een flink stuk minder doorweegt in onze Indiaanse portemonee. Pieter en Ruth zijn goeie vrienden zoals reeds vermeld in het begin. Soms delen we ook een kamer met 4 wat de prijs ook naar beneden haalt. Op de grond slapen doen we elk op zijn beurt ;-)

    Na 3 dagen begonnen we aan de rit richting Allahabad. Allahabad is voor de hindoes een heilige stad. De andere naam voor Allahabad is Prayag. Hier komen 3 rivieren bij elkaar: Ganges, Yamuna en de mythologische Saraswati. Het is ook de plaats waar elke 12 jaar het grootste festival, de Kumbh Fair, wordt gehouden. De plaats waar de drie rivieren samenkomen wordt Sangam (ontmoetingsplaats) genoemd.
    Op 45 km van Allahabad hadden we onze eerste pech. Een file vrachtwagens aan de linkerzijde van de straat. Bij het voorbijrijden bleek er een roadblock te zijn. Dat betekent voor ons uren wachten want met hun mentaliteit van rap zijn...
    Er bleek een staking te zijn door studentjes. Een leraar is van school gevlogen. Wat er precies gebeurd was konden wij natuurlijk niet volledig verstaan in hun taaltje. Voor ons bleek het best dat we ons zo ver mogelijk van de onrustige gemoederen moesten begeven daar dit een plaats was waar weinig of geen toeristen komen en we dus een gemakkelijk doelwit konden zijn. Onze chauffeur was nie echt op zijn gemak met die 4 bleekscheten in zijn auto.
    Voor Ruth en ikzelf ( Inga ) leek het inderdaad ook het best om ons hoofd, nek en schouders te bedekken zoals de echte Indiers want de mannen hun ogen vielen bijna uit hun kop als ze ons zagen zonder da spel op onze kop. ' k Moet wel zeggen als ik de hele dag zo'n ding zou moeten dragen dan geef ik het zeker op! Verschrikkelijk warm en storend voor je ogen en daarbij constant die doek vasthouden of hij valt eraf...
    .
    Na meer dan 1h30 wachten zonder eten, noch drinken, bleek het best een beslissing te nemen om misschien richting Varanasi te rijden. En hup, de ommekeer was gemaakt: terugrijden naar splitsing en dan richting Varanasi want met 5 in een klein autootje slapen is toch niet dat he.

    Bijna aangekomen in Varanasi op ongeveer een 70 km ervan werd de weg terug geblokeerd. Daar zaten we dan terug in de middle of ...Er bleek een trein omver gevallen te zijn op de weg. En nu.. Ondertussen was het 20h00 en we moesten zeker nog 2h00 rijden vooraleer we daar aankwamen. En ja, 2h00 dat kan niet maar toch is het zo. De wegen zijn zeker verre van de comfortabele wegen zoals die in Europa. Een beetje hobbelig, 1 rijbaan wat normaal 2 moet zijn, koeien, schapen of andere beesten op de weg brengen natuurlijk vertraging. In het donker rijden leek zeker niet gemakkelijk wetende dat velen zonder licht rijden.
    De treinpanne duurde ongeveer 3 uur dus onze enige oplossing leek daar te blijven slapen in stadje Matizpur of iets in die aard. Na 1 uur rondrijden bleek ons hotel iets duurder te zijn dan wat we normaal gewoon zijn. We wilden niet toegeven aan de hoteleigenaar maar toen we onze laatste troef uitspeelden bezweek hij toch plots voor ons voorstel. De troef was de vrouwen zonder sari naar het toilet laten gaan en hupla ... 't was in de 'sjakosj'.

    Geluk bij een ongeluk dat we al die miserie hebben gehad. Want de aankomst in Varanasi liep niet zo vlotjes, nogal hectisch. Onze chauffeur had geen zin meer om verder te rijden en de 'ghats' bereiken met de wagen was niet mogelijk. Het hotel bij Tourist Office waar de chauffeur ons uiteindelijk toch nog wou brengen bleek te duur te zijn en ver van de vele 'ghats' gelegen.
    De enige oplossing was de chauffeur 'omver klappen' en ons gedacht doordrammen en toch rijden tot het uiterste puntje dichtbij de 'ghats' en dan de rest te voet te gaan. Wel enorm lastig die warmte, aftrommelaars en daarbij nog eens die loodzware rugzak. Er leek geen einde aan te komen in Chowk-wijkjes.

    De Chowk-wijk is een doolhof van kleine steegjes net voor de Ghats die enkel bereikbaar zijn te voet, fiets of per bromfiets. De straatjes zijn vol met winkeltjes, restaurantjes zo klein dat je amper je kont kan bewegen als je in de winkel staat. Daarbij wonen de meeste winkeliers er nog in ook of hebben ze een kleine vierkante meter waar ze slapen. Regelmatig moet je nog eens aan de kant gaan voor de koeien, ossen, honden of puppies die je voorbij willen steken.

    Wijzelf slapen in een zalig hotel gelegen aan de Ganges. Niet te proper maar voor Varanasi is dit wel te doen. Inga en dethol en de kamer is in een mum van tijd weer proper ....
    Ons hotel is gelegen aan de rechterkant van de Dashaswamedt Ghat, een van de grootste en bekendst Ghats. Dankzij het kleine terras hebben we een subliem uitzicht op de Ganges. 's Avonds zitten we er geregeld om het uizicht te bewonderen en met ons zakje chips waar ocharme 30 chipjes inzitten ...

    Varanasi ligt op 780km van Delhi en 391 km van Khajuraho. Het wordt ook wel eens de grootste badkamer ter wereld genoemd! Hier vind je geen forten, tempels. Je vindt er de macht van het geloof over de menselijke geest. Varanasi, een stad die je ontroert, eigenlijk een aparte wereld. Je kunt het zo'n beetje de essentie van India noemen. Leven, dood en spiritualiteit zijn op alle hoekjes van de straatjes te bespeuren. Het kruipt in je, bijna alsof je sommige rituelen zelf mee ervaart. Het is er alle dagen een feest van gezang, gebruik van muziekinstrumenten... Als je er niet van houdt zou je er kunnen ergeren, maar genieten is de boodschap want dit is de enige plaats waar je dit ook ter wereld hebt.
    De naam Varanasi komt van de ontmoetingsplaats van de 2 rivieren: in het noorden de Varuna en het zuiden de Assi. Om alles compleet te maken: de oorspronkelijke benaming van de stad was Kashi. Dat woord komt uit de Veda's (1ste heilige geschriften van de hindoes). Het betekent de 'plaats die iedereen aantrekt'. Eigenlijk is het zo als je je eenzaam voelt kom je naar hier en met die sfeer van muziek, instrumenten voel je al snel stukken beter.
    Hier staat de Shiva centraal en dit kun je vergelijken met onze god. Ook iets onzichtbaar waar ze in geloven. Enkel wat andere rituelen en gedachten.

    De Ganges...veel over te vertellen (dit schrijf ik in het kort omdat het wel intressant is)

    ** Geen enkele microbe die zichzelf respecteert, kan in zo'n water leven.
    Pas op als je zegt dat de Ganges onrein is, zeg liever dat hij vuil is! By the way het blijft de heiligste rivier van de heilige rivieren van India.
    Wijzelf hebben 's morgens om 5h30 voor zonsopgang een bootje gehuurd en de washing meegemaakt. Echt een fascinerend schouwspel dat je moet zien.
    Aan de Ghats (immense granieten trappen die heel bekend staan in Varanasi) dalen elke ochtend 10 000 Indiers in het water. De bedevaarders moeten in 5 verschillende plaatsen baden. Elke goede hindoe vervult dit ritueel elke ochtend: de heilige mantra uitspreken. zich 3 x volledig onderdompelen en vervolgens een slok Gangeswater drinken die met de hand uit de rivier is geschept. Dan een vrije keuze: tanden poetsen, goed inzepen, de was doen, zwemmen. In ieder geval ik sta liever zonder toeschouwers in de badkamer. In tegendeel tot de Indiers die fier zijn als je hen fotografeert.
    Na het vele zien in de vroege ochtend hebben dan wat gerelaxed.

    In de vroege avond dan richting Bharatmata Ghat want om 18h30 begon de ceremonie. Een offer van vuur, rook en verschillende bewegingen van 3 mannen die vooraan stonden op een verhoog.
    Het is net een soort festival met veel muziek, licht, kaarsen en bloemen. Zovele Indiers komen samen om te genieten van de geuren, kleuren en het gezang.
    Ietsje verderop heb je de crematieplaats Manikarnika Ghat bij een gewijde put van Shiva waarin massaal fruit en bloemen wordt gegooid. Daar mogen geen foto's worden genomen.
    Toen we die ochtend per boot voorbij alle Ghats passeerden voor de washing hebben we dan van een paar foto's genomen om een tikkeltje een idee te hebben.

    Om dit te voet te doen lijkt dit niet zo'n goed idee. Te gespannen sfeer, vele toeristen worden er afgeperst en bedreigd om zogezegd te betalen voor de families van de overlevenden. Want het hout is gering in India en dus duur. Deze plek wordt ook wel eens genaamd naar de plaats waar Het vuur nooit uitgaat!

    Crematies kosten trouwens veel geld voor sommigen (een paar 100 roepies) en zeker als je weet dat ze alles in het werk moeten stellen om zo'n 150 euro te verdienen om met een gezin en 2 kinderen te kunnen overleven.
    Men kan ook niet zomaar een lijk dumpen in de Ganges of eender waar want er is controle van de politie.
    Een lichaam moet 3h00 branden en er is 350kg hout nodig voor een perfecte crematie.
    Sandelhout is het beste en dus duur. Bedragen kunnen oplopen tot 100Rp kg. Het goedkoopste kost slechts 5Rpkg maar brandt veel slechter en het lichaam brand niet volledig.
    De paria die hout verkoopt is dus de rijkste man van India.
    Vroeger was het zelf zo dat de weduwe haar levend liet verbranden om samen met haar echtgenoot naar Vedor (hun god) te gaan. Maar dit is in 1829 afgeschaft en dit is maar goed ook. Waar zou dit anders eindigen?
    De crematie is een nauwgezet ritueel. De oudste zoon steekt het vuur aan met een bamboestok.
    Tijdens het aansteken loopt hij er 5x omheen samen met de familie met uitzondering van de vrouwen.
    Vrouwelijke overledene zijn ingewikkeld in rode sluiers, mannen in witte en ouderen in goudgele sluiers eender welk geslacht.
    De as wordt uitgestrooid op de Ganges.
    Vaak komen mensen naar Varanasi om hun laatste adem uit te blazen maar moest de bijna-dode toch terug herstellen is dit een ramp voor die persoon daar dit betekent dat de Ganges die persoon niet aanvaardt.
    Is de familie te arm om hout te kopen wordt het lichaam half door vlammen verteerd in Ganges gegooid, waar dieren zoals raven en gieren het verdere werk voorzetten.
    Ofwel kunnen de armen ook naar een elektrische crematorium op 4 pijlers die stevig in de Ganges verankerd staat en daar laten verbranden. De ziel ontsnapt naar de hemel langs 2 dunne schoorstenen. Dit is een manier om de armen te verbranden aan de lopende band zonder het poëtische aspect en bovendien is het karma als gevolg van de verbranding niet zo goed.

    Ik kan hier wel uren doorgaan omdat het allemaal zo interessant is maar toch zal ik het hierbij laten.

    By the way..in een latere mail schrijf ik dan nog wat over de gewoonten van hier. Niet al te proper ...

    Na vandaag vertrekken we morgen richting Nepal met bus. Deze rijd zo'n 2 dagen. Daarna horen jullie terug van ons.

    Als er nieuws is vanuit Belgenland...laat het ons weten. Wij genieten of treuren er dan ook eens van.

    Vele groetjes en dikke kussen vanuit het luidruchtig cybercafe vol Chinezen, Taiwainezen, .... 

    Pottedoof en slingerziek
    mail: 29 september 2006



    Ja, dit is heel kort samengevat hoe de voorbije 6 dagen verlopen zijn.
    Klein woordje uitleg : Zaterdagmorgen zijn we vertrokken met een bus richting Nepal. Het verhaal begon al leuk toen bleek dat er plots geen bus meer beschikbaar was en we met 13 medereizigers in een jeep gingen geplooid worden! Na wat discussie hebben we toch ons gelijk gehaald en is diene bus toch vertrokken.
    De busrit duurde 12u en dit tot aan het Indiaanse grensstadje Sonauli. Onze chauffeur een gezellige ‘wietjewaai ‘ deed niets liever dan om de 30 sec. zijn toeter gebruiken en dit onafgebroken. Het was echt een oorverdovend lawaai…Pfff. Als je weet dat wij op de eerste bank zaten geduwd en er geen ramen in de bus waren die fatsoenlijk sloten, werden alle decibels dus rechtstreeks in onze oren geblazen. Als je weet dat de menselijke pijngrens op 140 decibels ligt en zo'n bus getoeter 120 decibels meet kan je je al inbeelden hoe onze oortjes tuuten.
    Rond 20u aangekomen aan de grens met Nepal en nodige papieren, stempels…afgehaald. Ons hotel lag vlak aan de grens en bleek het enige hotel te zijn. Hoe vuil en smerig het ook was, we hadden geen andere keus. Na een vermoeiende dag hadden we toch zin in iets deftigs om te knabbelen i.p.v. krakotten met konfituur of zoetkoekjes. Dan maar een lokaal restaurantje binnen gestapt en met onze laatste Indiaanse roepies een bord Fried Rice met Eggs besteld en daarbij zelf nog wat noodles gekookt met ketchup. Heerlijk…dachten we toen. Uiteindelijk in de vuile kamer toch de slaap kunnen vatten, maar rond 3u brak er een oorlog los in Stevens darmen.
    De volgende bus die we moesten nemen was al om 6u, dus veel recuperatietijd was er niet. Die bus was een 'public bus' die om de haverklap stopte om iedereen op en af te zetten. Heel vervelend. Zeker als je dan nog eens te maken hebt met Nepalezen die er niet mee inzitten om geregeld een scheetje te laten in combinatie met wat geboer en andere vieze geuren te verspreiden. Plasje maken op de bus en dan de inhoud van de beker over de vloer leeggieten kan hier blijkbaar allemaal zonder probleem ….
    Voor Steven was het een helse dag wetende dat de rit meer dan 10u duurde en verliep over kronkelde bergpassen die half geasvalteerd waren. Was ons dat een dagje!!
    Aangekomen in Pokhara op zondagavond ….heel mooi dorpje met subliem uitzicht op het meer. Veel meer hebben we de voorbije dagen niet gedaan dan wat genoten en trekkingkledij gekocht en onze ziektekiemen uit ons lichaam laten vloeien. Ondertussen had ik ( Inga ) er ook al last van …het waren net 2 lijken in een netzak die hier rondliepen.
    Vandaag is het al stukken beter met een paardemiddel van thuis en enkele pillerietjes van uit de Medical Office hier. Uiteindelijk zijn we klaar voor de trekking die we morgen dus beginnen. Het is hier ondertussen al 5 dagen prachtig weer dus dat is een goed teken voor de eerste dagen op onze trektocht.
    We trekken er een 31 dagen op uit, in het prachtige Himalaya Annapurna gebergte. We beginnen aan de Annapurna Circuit en gaan er vervolgens nog Annapurna Base Camp bijnemen. We zullen op die hoge hoogte dus wel de nodige inspiratie kunnen opdoen voor de volgende mails. Het wordt welliswaar een keiharde trekking op meer dan 5400m hoogte en met veel gezweet en frustratie, maar we maken 1 van onze dromen waar en daarvoor doen we het natuurlijk

    Na deze mail krijgen jullie dus wat rust in het lezen van onze avonturen doordat we geen contact kunnen krijgen via mail of andere communicatiemiddelen in het hooggebergte. Dus geen paniek als je meer dan een maand niets van ons hoort.

    Hou jullie goed en take care ….
    Greetz Steven en Inga
    By the way: als we terugkomen vertellen we ook wat over de gewoontes van de Indiers en Nepalezen. Soms erg vreemde en vuile maar ook best grappige gewoontes 

    Himalaya: mission completed
    Mail: Vrijdag 20 oktober 2006

    Bergen en filosofie, dat gaat goed samen. In de bergen gaat alles trager. Er zijn geen steden, geen snelwegen, geen mobiele telefoons, files, geen televisietoestellen die onzin uitzenden, geen belastingontvangers of andere mensonvriendelijke creaturen. Hier wordt het leven terug normaal. In de bergen besef je hoe het leven in elkaar zit.

    Voor een beschrijving van Himalaya - Annapurna schieten woorden tekort. Nergens anders op de wereld zie je een gebergte groter, mega dan de Himalaya. Het is dan ook het grootste bergmassief op de grensscheiding van China, Nepal en India.

    Niet voor niets beschouwen de Nepalezen de Himalaya - Annapurna in zijn geheel als het domein van de goden, ook al betekent de naam niets anders dan wat hij in werkelijkheid is: "thuisland van de sneeuw". Want 'Hima' betekent sneeuw en 'alaya' is woonplaats of thuisland.

    We hebben onze tijd in het hooggebergte iets ingekort (3 weken ipv 4) daar er zware onweders waren boven de 2800m. We hadden graag nog een dag of 10 langer verbleven voor een bijkomende trektocht "Annapurna Sanctuary" maar de lokale Nepali bevestigden ons dat het weer boven echt slecht was met regen, mist en ijzige wind. Daar we onze eerste doelstelling de Circuit succesvol afwerken, wilden we geen overbodige en onnodige risico's nemen.

    Vanaf 1 oktober is er trouwens een nieuwe trekkerswet ingevoegd. Je mag niet meer trekken rond de Annapurna zonder porter of guide. Dit om veiligheidsreden daar er teveel ongelukken gebeuren met individuele trekkers.

    Wijzelf hebben gekozen voor een porter die een gedeelte van onze rugzak draagt. Daar we fysiek nog niet volledig herstelt waren van ons virus vonden we het niet erg dat een gedeelte van de bagage niet op onze rug moest gedragen worden.

    Op 30 september vroeg in de morgen (5h15) zijn we dus vertrokken richting Annapurna-circuit. Na een fantastische busrit van 3uur kwamen we aan in Besisahar. Dit is de startplaats van de trektocht. Daar er op die dag ook het festival Dharaim aan de gang was, zagen we langs de straten verschillende offers van geiten, koeien, ...

    Voor ons vertrek nog een Dal Bhat naar binnen gewerkt om de nodige energie op te stapelen. Dit is de typische dagschotel van Nepal bestaande uit rijst, bonen, aardappelen en soort currysoepje. Dit alles meng je door elkaar met je rechterhand en je kan beginnen smullen. Het bord bestaat uit metaal en is ingedeeld in verschillende vakjes. Er wordt ook constant bijgevuld tot je buik op ontploffen staat.

    De eerste dag was voor ons een korte wandeling van ongeveer een 3 tal uur. Niet te vermoeiend voor de eerste instapdag gezien er nog voldoende zware dagen komen van meer dan 8 uur wandelen.

    Aangekomen in Bhulebule waren de lodges redelijk te doen wat betreft properheid en comfort. Na een stevig avondmaal kropen we vroeg onder de wol (20h30) aangezien we de volgende morgen reeds om 6h30 gingen vertrekken. Dit was trouwens ons vast ritueel gedurende de trekking, namelijk gaan slapen rond 20h00 en opstaan rond 5h15.

    Ons vroege ontbijt bestond meestal uit muesli met ananas uit een blik of fruitsap ipv ananas. Heerlijk was het niet echt maar voldoende voedzaam. Na een dag of 3 zaten we in 1 van de gezelligste lodges. Het kookfornuis diende als een open haard en natuurlijk ook om eten klaar te maken en om zich te verwarmen bij koude temperaturen. Na het eten zaten we nog wat na te genieten bij het vuur en toen plots onze porter in gang schoot bij het horen van muziek op de achtergrond. Het volume van de muziek ging omhoog en plots stonden we met z'n beide te dansen bij het haardvuur. Neen, denk nu niet dat we daar aan het slowen waren, het was wat klappen in de handen, wat draaien met je kont en je armen.

    Die dag was het ook de laatste van het festival Dharaim. Buiten op straat kwamen er massaal veel Nepalezen dansen en zingen, samen bij elkaar.

    Onze dagen verliepen vlotjes...gemiddeld wandelden we 7uur per dag. We kwamen veel Israeliers tegen. 70 % van de toeristen in Nepal komt trouwens uit Israel. De Nepalezen zien ze echter liever gaan dan komen daar ze heel onbeleefd en veeleisend zijn. Langs de andere kant geven ze wel massaal veel geld uit. Onderweg hebben we trouwens een Israelische familie ontmoet die met hun kinderen over de bergpas tot Jomson proberen te trekken. Het jongste dochter was amper 6 jaar en werd door een porter gedragen. Niet zo ideaal als je weet dat het boven ijskoud is en het kind in de buggie op de rug van de porter geen enkele beweging heeft. Trouwens heel gevaarlijk in het hooggebergte gezien het kind enorm onderhevig is aan frostbite (beentjes en voetjes die kunnen bevriezen met alle gevolgen vandien).

    Na 6 dagen wandelen, zagen we al van dicht de top van Annapurna 1 in het kleine dorpje Chame. Het was prachtig en vooral voor de opgaande zon. De volgende dag stond een klim van meer dan 1000m voor de boeg. Eventjes weg van het officiele Annapurna parcours gingen we richting Ghyrau gelegen op 3700m hoogte. Dit is een alternatieve route. Het was een zware dag. Die avond had Inga voor het eerst last van hoogteziekte. Hevige hoofdpijn en geen trek. De remedie tegen hoogteziekte was veel look eten: oa looksoep met massa's lookteentjes erin.
    Voor het slapen heb ik (Inga) nog een Diamox genomen met als gevolg dat ik de ganse nacht naar het toilet moest. Diamox is goed tegen hoogteziekte maar is vochtafdrijvend.....

    De volgende morgen was Inga terug kerngezond en konden we de tocht richting Manang verderzetten. Manang is een groter dorp dan de voorbije dorpjes en een acclimatiesatieplaats voor vele trekkers. Hier hebben we een les bijgewoond van de 'Himal Rescue' met uitleg over hoogteziekte, de gevolgen en de symptomen ervan. Een grappige Oostenrijkse dokter heeft ons uur geanimeerd met theorien over hoogteziekte. Manang is trouwens ook de plaats waar de laatste helikopters kunnen landen om reddingacties te kunnen uitvoeren. Dit omwille van de hoogte.

    In Manang hebben we 1 dag rust genomen om zo te kunnen genieten van de zon met een stevig ontbijt bestaande uit een chocoladerol met 'hot lemon' en zicht op de bergen. Koeken die ze al 30 jaar niet meer maken in ons landje. Groot, vol chocolade en spot goedkoop.
    In de middag nog eens genoten van chocoladetaart, zo'n beetje genre Zagertorte. Als je in Belgie zo'n bakkerij zou hebben komt heel de Belgique erop af.

    De dag erna gingen we terug een stapje hogerop naar de 4000m Yak Kharka. Berekoud en zelfs Steven had wat last van hoofdpijn. Daar met wat Tsjechen gebabbeld en de hoofdpijn vergeten. Een nadeel, het stonk er verschrikkelijk naar benzine en rook gezien ze een soort kerosine gebruiken om het kookvuur aan te maken. Was de hoofdpijn nu van de hoogte of van de stank, geen mens die het op den duur nog wist.

    De volgende morgen gelukkig weer vroeg vertrekken om toch een slaapplaats te kunnen bemachtigen. De plaatsen in Base Camp van Thorang Phedi waren beperkt en de meesten bleken gereserveerd vanuit Manang. Indien er geen plaats was, moest je terugkeren ofwel hogerop gaan naar High Camp. Met als gevolg terug een serieuse klim, minder goede lodges, kouder en misschien terug last van hoofdpijn. Gezien we op tijd waren, hebben we gelukkig nog een schamel kamertje gevonden.
    Comfort zoals een warme douche, netheid, licht, … was er niet.
    Onze dikke jassen, kousen, handschoenen en mutsen kwamen hier dus heel goed van pas.


    10 oktober 2006 : Eindelijk de Big Day! Gewekt rond 3h45 om dan te kunnen vertrekken rond 4h45 bij volle maan. Een zware wandeling met een hoogteverschil van meer dan 1000 m nl van 4400m naar 5416 m stijgen. Een 15 tal min. voor aankomst op de top reikte Steven mijn hand om dan samen verder de laatste stappen hand in hand te lopen. Een ontroerend moment waarbij ik ( Inga ) toch een traantje moest laten door het geluk het gehaald te hebben. Op z’n hoogte sta je ook niet alle dagen he. Een schitterend moment…
    Een bordje met tekst van 5416m Annapurna 9 Thorung La vol met heilige vlaggetjes was het bewijs dat we boven op de top stonden. Die gekleurde vlaggetjes zijn gebedvlaggetjes waar teksten opstaan. De boodschap op de vlaggetjes wordt verspreid door de wind en houdt de slechte geesten weg.
    Gewoon een zalig gevoel daar boven maar ook een klein beetje luguber als je weet dat daar een week geleden nog iemand verongelukt was.
    Dit is ook de plaats waar sommige trekkers begonnen over te geven, te waggelen net als een dronkaard, …en dit door de snelle steiging en de zware inspanning. 
    Laat ons hier maar even met rust en laat ons genieten van dure thee met een Mars en een Snicker. Onbeschrijvelijk zicht op de berg…adembenemend. Gewoon zitten en niets zeggen. De stilte raakte ons ... 
    Na de rustpauze op de top begon een verschrikkelijke afdaling van 4uur met een verschil van meer dan 1600m. Er kwam geen einde aan waarbij Steven zelfs hevige kniepijn begon te krijgen. Op bepaalde momenten had hij moeite om zijn benen te plooien..'t Was net een oud ventje ;-)

    Uiteindelijk na 9 uur wandelen, 'versleten' aangekomen in Muktinath de slaapplaats van deze dag. Muktinath is de meest heilige plaats voor de bedevaarders Hindoes en Boedhisten. Vele rijken kwamen er per helicopter om enkele dagen daar te verblijven.
    Een 'spaghetti' deed wonderen als je weet dat we de ganse dag practisch niets gegeten hadden. 

    De dag erna was onze etappe richting Marpha. Onze lunchstop was eerst in Jomson. Dit is de enige bestemming in het gebergte waar vliegtuigen kunnen landen en opstijgen. Het enige probleem: dit moet vroeg in de morgen gebeuren voor de bewolking aan komt zetten. De vliegtuigen vliegen hier namelijk nog zonder navigatiesysteem.
    Marpha staat bekend om de appellikeur. Dus je kan je al inbeelden: wij moeten dat toch eens proeven he. Als toetje erbij nog een appelgebakje. Nog een geluk dat het avond was dan konden we onze roes uitslapen in ons bedje.
    Steven heeft daar ook voor het eerst Yakvlees gegeten. Yakkoe is bekent in het hooggebergte vanwege zijn dikke vacht om zo gemakkelijk tegen de koude te kunnen overleven.

    Na onze appellikeur avond wandelden we richting Ghasa. Onderweg kwamen we een Dutch Bakkery tegen. We hebben daar omstreeks 9 uur frietjes met echte zelfgemaakte mayonaise gegeten. Zot zijn doet geen zeer! Het smaakte verschrikkelijk goed. Het kon ons niet schelen. We hadden dit gezegd: ook al was dit vroeg in de morgen, frietjes met mayo gingen we zeker eten.
    De uitbater was een Nederlander die gehuwd was met een Nepalese vrouw en zich daar gevestigd had in de bergen. Vroeger was hij wielrenner geweest dus het ijs was rap gebroken en we hadden een gezellige babbel..
    Hij vertelde ons zijn probleem, dat je als buitenlander in Nepal niets mag bezitten dus stond de volledige zaak op naam van zijn vrouw. Een kwestie van vertrouwen dus..

    Ondertussen was onze kledij droog van de hevige regenbui voordien en trokken we verder.

    De laatste overnachting in de bergen was Tatopani, gekend om de Hot Springs. Daar moesten we ook beslissen wat we gingen doen. Ofwel de Base Camp doen ofwel richting Pokhara. De lokale Nepalezen verwittigden ons dat er veel bewolking, mist en regenval ging zijn de komende dagen. Dit en het feit dat Steven nog wat last had van de knie liet ons besluiten geen extra 10 dagen er bij te nemen. We waren supercontent over wat we gedaan hadden dus eigenlijk moest het voor ons niet meer. We namen dus de wijselijke beslissing om verder te gaan richting Pokhara.
    Die avond sloeg het onweer al toe... een voorsmaakje misschien en een bevestiging van onze beslissing. In de namiddag hebben we nog een uurtje in de hot springs gezeten en dat deed ons deugd.

    Onze laatste etappe van de trekking naar Beni was nog een lange van 8uur. Daar hadden we na een half uurtje direct aansluiting met een bus richting Pokhara. Na wat gezaag over onze bagage, die we bij ons wilden houden ipv op het dak, zijn we dan vertrokken richtng Pokhara. Na een 2 tal uur rijden begon het terug fel te regen. Bijna geen spoor te zien...dus maar stoppen waarbij al de bagage van het dak moest en al zuipnat was. Gelukkig lag onze bagage binnen en konden we de 'kaartjesknipper' met een grijns ons gelijk tonen. Ondertussen stapten ze ook nog eens uit om op hun dode gemakje hun Dal Bhatje binnen te smullen. Op d'n duur ben je het gewend dat de mensen hier geen besef van tijd hebben.
    Rond 18h30 uiteindelijk aangekomen in Pokhara in de gietende regen. Straten ondergelopen, geen electriciteit...'t Was 'bien'! Met de taxi naar een hotel gereden waar de rest van onze bagage stond. Dat hotel was natuurlijk volboekt dus mochten we nog wat verder 'tjoolen' in de regen.... 
    Uiteindelijk toch een hotel gevonden. Eindelijk. Natgeregend druipend van de jassen, haren...een warm badje genomen, warme soep gedronken en met kaarsjes genoten.We hadden dan toch nog iets romantisch. Als de regen over was, hebben we ons hotelleke verlaten en een mega pizza gaan eten bij kaarslicht. Gelukkig kookten ze daar op gas want de electriciteit was bijna de ganse avond plat.

    De voorbije dagen verbleven we in Pokhara.
    We hebben wat souverniers en goederen huiswaarts gestuurd, wat gerelaxed, onze trekkingspullen verkocht, wat ge-internet en lekker gegeten natuurlijk. Ondertussen hebben we een mega lekkere sandwichebar/fruitbar gevonden waar ze lekkere fruitshakes, sandwiches en yoghurt maken. Onze kilotjes zullen er nu wel eventjes bijkomen, maar dat mag na al dat wandelen.
    Deze middag gaan we voor 5 dagen in een klooster voor meditatie. Hoe dit allemaal zal verlopen vertellen we in de volgende mail.
    We hopen dat jullie genoten hebben van de lange tekst.

    Hopelijk hoor je ons terug binnen een goeie week tenzij we in het klooster blijven natuurlijk ...Pater Steven en nonneke Inga!

    Groetjes en veel leesplezier.
    De globetrotters
    Steven en Inga

    Onze laatste dagen in Katmandu, Nepal
    mail: Vrijdag 3 november 2006

    Heyla,



    We zijn terug! Dus toch niet in het klooster blijven hangen.


    Onze intrede in het Ganden Yiga Chozin Centre, de naam van dit Boedhistisch klooster in Pokhara, was een speciale ervaring. Dit klooster is de zuster van de meer gekende Kopanan Monastry in Kathmandu. Daar de data om een cursus te volgen in Kathmandu heel beperkt waren, hebben wij gekozen voor het center in Pokhara. 

    Het aantal dagen in Pokhara was minder lang maar daarom niet minder intensief. De cursus begon op vrijdag en eindigde op maandag.


    Ons dagschema verliep heel simpel...

    Vrijdag 20 oktober
    14h30 Registratie en introductie
    15h00 Meditatie
    15h30-16h00 Pauze
    16h00 Les omtrent Boedhisme...
    17h30-18h30 Relaxatie Yoga + Candlegazing Meditatie
    18h30-19h30 Dinner + Pauze
    19h30-20h00 Meditatie

    Zaterdag + Zondag 21/10 + 22/10
    6h30-7h00 Meditatie
    7h00-7h30 Pauze
    7h30-9h00 Hakha Yoga
    9h00-10h00 Ontbijt + Pauze
    10h00-12h00 Les + Meditatie
    12h00-14h30 Lunch + Pauze
    14h30-15h30 Discusie + vraagstelling
    15h30-16h00 Pauze
    16h30-17h30 Les
    17h30-18h30 Relaxatie Yoga + Candlegazing Meditatie
    18h30-19h30 Dinner
    19h30-20h00 Meditatie


    Maandag 23/10
    6h30-7h00 Meditatie
    7h00-7h30 Pauze
    7h30-9h00 Hatha Yoga
    9h00-10h00 Ontbijt + Pauze
    10h00-12h00 Lunch + Pauze





    Tijdens de pauzes kon je enkel naar het toilet gaan of een theetje drinken en tegen dan was de tijd weer om.
    De lessen gingen vooral over het Boedisme, het ontstaan ervan en hoe wij het moeten toepassen in ons leven. Wat betreft die Candlegazing meditatie en gewone meditatie, wel Candlegazing meditatie is gewoon naar de kaarsen staren en in meditatiehouding (kleermakerszit) een half uur niets zeggen en stilzitten en proberen je ademhaling onder controle te krijgen. De gewone meditatie was in alle stilte proberen terug te keren naar je diepste ' ik ' eveneens door concentratie op je ademhaling.



    Na de avondmediatie en voor de ochtendmeditatie mocht er trouwens niet meer gebabbeld worden! Dit om je geest geen externe inputs meer te geven en volledig 'clean' aan je ochtendmeditatie te kunnen beginnen. Dit is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan!



    Op het einde van de sessie werden we bedankt en kregen we elk een sjaaltje. Steven een gele en ik (Inga) een wit. Daarop stonden verschillende Boedhistische tekens omtrent geluk en gezondheid voor in ons verdere leven. Het gaf ons een raar gevoel, ook toen we na die dagen in stilte opeens weer onze rugzak moesten nemen en de wijde wereld terug moesten instappen.





    De dag erna zijn we met de bus vertrokken richting Kathmandu via een pas in de bergen. Hier in Kathmandu kijken we uit op de opeenstapeling van tempels, stoepa's en andere heiligdommen.





    Ons 1e hotel was geen te fameus en nochthans een aanrader door een agentschap in Pokhara. Het was een klein duister kamertje met geen te propere badkamer. Het leek ons de beste oplossing voor de eerste nacht om de dag erna dan verder te zoeken zonder rugzak naar een betere slaapplaats. Er wordt dan ook heel wat minder aan je oren gezaagd van " Do you want a Guest House? "





    Die eerste slaapplaats bleek uiteindelijk toch geen zo'n goed idee te zijn. Na enkele uren was de kamer omgetoverd in een petrolkamer ipv een wierookgeurkamer. Daarbovenop kreeg Steven 's nachts bijna een verstikkingsaanval van de geur en het stof in die luizige kamer.



    's Morgens was onze eerste opdracht dus een andere hotel zoeken om daar dan de rest van ons verblijf in Kathmandu door te brengen.



    We vonden een klein weggestopt hotelleke waar we een mooie kamer met opgemaakte bedden kregen en vooral geurloos. De prijs/kwaliteit was veel beter en zeker voor Kathmandu. Enige klein probleempje was dat de badkamer gemeenschappelijk was, maar dat vergeet je snel als je de kamer wat gezellig inricht met kaarsjes.





    Voor de rest van de tijd wat rondgehangen oa op Durbar Square. Dit is een plaats vol met tempels waar je op de trappen van de tempels niets anders kan doen dan het vitale leven van de Nepalees gadeslaan. Daar zie je ook altijd tientallen sadhoe's. Sadhoe's zijn heilige mannen uit het Hindoeisme. Vaak trekken ze hun hele leven rond van het ene heiligdom naar het andere en leven er van de giften van de mensen.



    Op Durbar Square was er zelfs een Bally winkel met lederen handtassen en schoenen. Het prijskaartje was niet bestemd voor een sadhoe of een bedelaar. Dus het zijn wel echte handtassen en schoenen, dit in contrast met de vele namaakwinkels in Kathmandu en omstreken.





    We hebben ook nog de wijken Patan en Thahiti Tole bezocht waar we de Kathesimbhu Stupa bezocht hebben en oa ook de 1e minister van Nepal toevallig ontmoet hebben.



    Ook de wijk Khichapokhari was leuk om zien. Deze wijk is gekend om zijn Tailors waar ik (Inga) trouwens met de zijde die we reeds gekocht hadden in India van plan was kledij te laten maken. Helaas door het zoveelste festival waren er geen naaisters genoeg en zou de kledij niet op tijd klaar zijn.



    By the way er zijn bijna evenveel festivals in Nepal en India als er kalenderdagen zijn in het jaar.





    Swyombhunath of Monkey Temple hebben we op een namiddag bezocht. Dit is een van de grootste stoupa's van Nepal waar massaal veel apen rondhangen. Deze stoupa lag op een helling en was enkel te bereiken nadat we meer dan 400 trappen gestegen waren.





    Ook nog eens een fiets gehuurd en naar Jawlakhel gereden waar The Tibetian Refugee Camp gesitueerd is. Dit is een gemeenschap waar 500 echte Tibetaanse vrouwen 7 op 7 werken en er tevens ook wonen. Ze werken er aan echte Tibetiaanse tapijten. Aan sommige exemplaren zijn ze meer dan een maand met 2 personen bezig.



    Jammer genoeg kunnen ze zich niet uitleven in hun eigen land daar ze verdrongen zijn door de Chinezen.





    Als laatste hebben we nog een fietstocht gemaakt naar Paspatunath. Dit is de meest heilige plaats ter wereld voor de Hindoeisten. Iedere Hindoeist moet minumum 1 x in zijn leven deze plaats bezocht hebben.



    Hier kan je je ook bekeren tot het Hindoeisme. Enkele mannekes van 15 jaar lieten hun haren afscheren en gooiden hun persoonlijke bezittingen in de heilige rivier Bagmati om zo afstand te doen van hun oude levenswijze. Die Bagmatirivier mondt uit in de Ganges rivier die we nog kennen van Varanasi.



    Hier kon je je ook cremeren en dit is het hoogtepunt in het leven van iedere Hindoeist. Iedere familie spaart hun ganse leven om een mogelijk crematie hier te kunnen betalen.



    We hebben het geluk gehad om een crematieceremonie van A tot Z te mogen bijwonen. Het geheel duurde 2 uur en was redelijk emotioneel voor de familie.





    Voila voor de rest hebben we onze tijd gevuld met Stevens haar een beetje te bij te knippen, taartjes te eten, theetjes te drinken, lezen...





    'k Zou zeggen dat dit het einde van Nepal is ... zaterdag vertrekken we richting Filippijnen om daar te verblijven op het eiland Cebu. Terug.



    Eindelijk de Filippijnen.



    Dag allemaal,





    Na de 2 intense maanden in India en Nepal verlangden we toch wel naar het zeetje.



    Uiteindelijk was het bijna zover. Na het halen van nog wat boterkoeken, chocolade en 'noodles' (deegwaren) kwamen we een taxi tegen in onze Thamelwijk in Kathmandu. We hadden in totaal nog 170 roepies over dus ons budget voor de taxi bedroeg 170 Roepies wat niet zo evident is als je weet dat de minimumprijs normal 300 roepies is. Wij toch op jacht naar een goedkopere (tegen alle raadgevingen in) en opeens, bij het buitenstappen van de bakkerij, een taxi laten stoppen en met wat charmes van Inga konden we hem overhalen voor onze budgetprijs naar de luchthaven te rijden.



    Met pak en zak vertrokken we dus richting luchthaven van Kathmandu. We waren er veel te vroeg maar dit om de lange wachtrijen te vermijden in de luchthaven en de overboekingen voor te zijn.



    Bij het inchecken waren er al vertragingen maar er stond niets aangeduid, noch de vluchtgegevens waren bekend, noch de te nemen gate. Kortom: chaos.



    Aangekomen in Delhi stonden we daar dan om 18h30. We hadden wel een klein probleempje: moesten we nu uitchecken en ons bagage gaan ophalen of moesten we proberen in de 'transitzone' te blijven en onze bagage laten door sturen naar de Filippijnen? Na vele keren vragen kregen we toch het antwoord. We mochten alle gegevens doorgeven en in 'transitzone' wachten tot ze ons kwamen halen voor de volgende vlucht. Deze vlucht vertrok pas 12u later dus was het vanaf nu wachten geblazen. De tijd ging voorbij met chocolade, chips, pizza…en een kort dutje proberen te doen op die vaste bankjes in de luchthavens. Eerlijk gezegd, het was een lange nacht. Uiteindelijk kwam rond 5h00 iemand ons aanspreken om de bagage te controleren en onze vluchtgegevens nog eens door te geven. Een heel raar, onpractisch systeem vonden we, maar we waren erbij geholpen. Onze enige doelstelling was dat alle bagage in Hong Kong - want daar hadden we een tussenstop – en Cebu, Filippijnen, zou arriveren.





    In Hong Kong hadden we een overstap in spurt naar de Gate. We hadden 15 minuten de tijd om uit het vliegtuig te stappen en het nieuwe toestel te nemen. Gelukkig werden we begeleid door een zeer glimlachende en vriendelijk jong ventje.





    Aangekomen op Cebu zagen we onze bagage op de draaiband opduiken en waren we content dat alles goed verlopen was. Vervolgens een taxirit naar het centrum genomen om daar enkele nachten te verblijven.





    De eerste dagen in Cebu City hebben we lang uitgeslapen en rond de middag telkens lekkere chocoladekoeken gaan smullen in de Crust Bakery. Hmmm terug een zalig lekker ontbijt . Na de middag een bezoekje gebracht aan de Basilica Minore Del Santo Nina. Ja de spaanse invloed in de Filippijnen. Blijkt dat in de jaren stilletjes veel spanjaarden hier geweest zijn. Deze Basilica is namelijk 3x afgebrand… maar ook opnieuw 3 x heropgebouwd in zijn origenele staat.



    In deze basiliek kon je ook een voetmassage ondergaan. Inga voelde haar geroepen om zich te onderwerpen aan de kunsten van de Filipijnse masseusen en genoot na het vele wandelen van de voorbije maanden van de massage. Daarna doorgelopen naar Magellan’s Cross. De eerste Filippinos zijn hier namelijk gedoopt.



    Filippino’s zijn dus enorm katholiek…





    Onze dagtrip de volgende dag verliep niet zoals gepland. We wilden graag eens de San Miguel Brewery bezoeken. Dit was volgens de Lonely eem begeleide rondleiding van 2 uur en daarna kon je genieten van het lekkere goedje voor de ganse namiddag. Da zagen we natuurlijk wel zitten maar we hadden pech want de brouwerij had een nieuw management sinds 2 maanden en kon geen gidsbeurten meer geven zonder toestemmin van hogere hand.



    Nu ja, onze tijd konden we niet zomaar vergooien en na meer dan een uur wachten op een negatief besluit besloten we richting Mactan te gaan. Mactan is gekend om het maken van vele soorten gitaren. Trouwens de Filippijnen staat bekend om hun gitaren, op iedere hoek van de straat kan je wel een of andere gitaar kopen.



    Wij bezochten als eerste de Alegre Guitars fabriek. Daar maakten ze oa de Mandoline, de Basgitaar, kokosnotenschudders,… Als ls je er iets van kon was het prachtig om te horen. Wij waren er in ieder geval weg van. Na lang overleg en wat andere fabrieken te bezoeken begon ons afdingwerk. Het resultaat kan je op de foto’s bewonderen…we hebben een mandoline gekocht!! Klein detail : geen van ons beiden kan met dit ding overweg maar als we thuiskomen leren we het zeker!





    De next day, na een boottocht van 4h30, kwamen we aan in Tagbilaran (op het eiland Bohol) om daar dan de locale bus te nemen, de Jeepney (geschikt voor 20 personen maar waar we uiteindelijk met zeker 30 man inzaten).



    Ons hoteltje was op 5 min wandelafstand van het strand waarbij de prijs enorm meeviel in vergelijking met die verblijfplaatsen op het strand: 4x zoveel.



    Het grote voodeel van onze guesthouse was dat we een eigen keukentje hadden waar Inga haar hartje kon ophalen. Het alledaagse restaurant-eten heb je na een tijdje ook wel gezien en dan kan zo’n zelfgemaakt spaghetti of biefstukje toch wel smaken he.





    Het vervolg van dagen waren gevuld met pannekoekjes bakken, boek lezen, relaxen, zon, zee, strand en het onderwaterleven bewonderen.



    Een van die dagen ook een bromfiets gehuurd en richting Carmen gereden om daar de Chocolate Hills te bezoeken. Dit moet je gezien hebben…meer dan 2160 gelijkaardige heuvels. Vervolgens toevallig onze lunch op een boot genomen op Loboc River. Wij dachten gewoon te lunchen maar het bleek dat we inbegrepen in de prijs een boottochtje van 1h kregen en tergelijkerteid wat animatie muziek en goocheltruckjes.





    Daarna ons bromfietstochtje verder gezet naar Tarriers Monkeys, dit zijn de kleinste aapjes ter wereld. Daar aangekomen hadden we opeens een groot probleem…de sleutel zat blijkbaar niet meer op het contact. Gevolg brommer kon niet stilgelegd worden, tankklepje kon niet geopenend worden (en redden al in reserve). Een beetje paniek overviel ons het eerste moment maar met wat gefoefel aan wat kabeltjes en een sleutel van een andere brommer te gebruiken konden we advh van de kickstarter toch terug te bromfiets gebruiken. De volgende opdracht was nu nog onze benzinetank proberen open te krijgen..Uiteindelijk gestopt bij een “bricoleur – oudijzermarchant“ en daar een sleutel gevonden om dat benzineklepje toch te openen. Oef, we waren gered ;-)







    Voila voor de rest genieten we nog eventjes van de zon en trekken dan overmorgen enkele dagen richting Hong Kong om daarna de vlucht naar Indonesie te nemen. Terug






    Hongkong: wolkenkrabbers en wolkenkrabbers
    Mail: 26 november 2006

    Na ons geslaagd verblijf in de Filippijnen zijn we op 16 november vertrokken richting Hong Kong. Dit was voor ons een tussenstop van 2 dagen om vervolgens richting Indonesie te vliegen, waar we momenteel nog altijd verblijven.

    Hong Kong was voor ons ergens een stap in het duister. We wisten niet echt wat ons te wachten stond. We hadden weinig of geen informatie over Hong Kong ingewonnen voor we vertrokken. Op het vliegtuig dan maar klaptje beginnen doen met een vriendelijk stewardesje en zo kwamen we al gauw te weten dat we best gingen verblijven in Chung King Mansion in Natan Road. Dit zou het hart van Hong Kong zijn, dicht bij alles en waar de klok nooit stil staat.

    Eenmaal uit de immense luchthaven (die al een enorme indruk naliet daar het de modernste ter wereld is) gingen we op zoek naar transport. Taxies leken ons te duur dus wij op de bus gestapt en richting Chung King Mansion.
    Eenmaal op de bus werden we overweldigd door de vele immense wolkenkrabbers, ongeloofelijk hoe ze die dingen zo dicht bijeen kunnen bouwen. Dit is ook de stad waar miljoenen inwoners in soms 2 vierkante meter grote kamertjes - studiootjes samenwonen. We spreken trouwens uit ervaring want ons kamertje waar we 2 nachten geslapen hebben was eveneens piepklein. Om precies te zijn 2m op 1m83 want Steven kon niet volledig zijn benen uitstrekken in zijn bed. De hoogte daarentegen viel best mee: wij zaten op het 13de verdiep.

    Door de informatie die we meegegrabbeld hadden uit de luchthaven wisten we al gauw wat er allemaal te zien was in Hong Kong buiten het shoppen. Hong Kong is dus echt het shoppingsparadijs, je kan er dagen shoppen, shoppen en nog eens shoppen.
    Nadat we onze rugzakken op de kamer gezet hadden nog vlug wat winkels bekeken. Ook naar de Avenue des Stars geweest. Deze " Hollywood-achtige laan " is gelegen aan de Harbour (haven) met prachtig zicht op de skyline van de wolkenkrabbers. Deze laan is vooral bekend om het immense standbeeld van Bruce Lee en de vele handafdrukken van filmsterren en andere bekende figuren van over de ganse wereld. Daar konden we dan later om 20h00 ook genieten van een klank - en lichtspel tussen de verschillende wolkenkrabbers. Op muziek werden de wolkenkrabbers belicht en omgetoverd in een sprookjesstad die om de haverklap veranderde van kleur. Het was net een openlucht disco ... echt mooi om te zien. Zeker als je weet dat er zeker wel 100 wolkenkrabbers samen spelen met de muziek en het licht. Wat een techniek!

    Het shoppen viel ook best mee. De kortingen liepen soms op tot 90% en dan nog op dure merkkledij zoals van G. Armani, Calvin Klein, DKNY,.. Alles wat je maar wil.

    De 2de dag van ons verblijf in Hong Kong had Inga een mega dik oog. Een onsteking van al die airco waarschijnlijk?? Want airco's vind je overal in Hong Kong. Buitentemperatuur was rond de 30 graden maar in de winkels vaak slechts 18 graden.

    Diezelfde dag ook nog de typische winkeltjes bezocht waar ze gedroogde vis verkochten zoals mosselen, oesters, inktvis, ... Alles werd gedroogd en verkocht. Dit land staat ook wel bekend om zijn visrestaurants.

    Ons shoppen was vermoeidend en na een lekkere douche en het bekijken van onze nieuwe garderobe hebben we ons nog eens gezellig laten verwennen in een locaal restaurantje. Ook hier stond die 'damned' airco weer aan, maar dan heeft Inga gelukkig een dikke sjaal gekregen om over haar schouders te leggen.

    Hong Kong viel uitstekend mee trouwens, beter dan we hadden verwacht en is zeker voor herhaling vatbaar. Zeker ook als we weten dat er aan de rand van de stad veel te doen is zoals trekkingen in het gebergte, met de kabellift naar een prachtig zicht gaan kijken, Disneyland, ... Kortom: Hong Kong was voor ons iets te kort om dit allemaal te zien.

    Enfin, na 2 dagen rondlopen in Hong Kong namen we onze vlucht naar het tropische Bali op 18 november om daar wat te genieten van zon, zee, duiken, een surfje placeren ...Onze vrienden te bezoeken, enz ..

    Voila ..momenteel zitten we nog steeds in Bali op Legian. Het vervolg hoe we het hier stellen zul je volgende week vernemen.

    Terug.

    Het exotische Bali...
    Mail: 8 december 2006

    Met een kleine vertraging hebben we toch de tijd gevonden om onze ervaringen in Indonesie neer te schrijven. Na ons geslaagd bezoekje aan Hong Kong zijn we dus op 18 november vertrokken richting Indonesie, meer bepaald Bali. De vlucht verliep vlekkenloos en aangekomen op de luchthaven hebben we een Frans koppeltje aangesproken om de taxi te delen en ons zo op een goedkope manier te brengen naar een slaapplaats. We wisten niet echt waar we gingen logeren maar onze Inga wist nog van enkele jaren terug dat 'Legian' een rustig deeltje was van Bali vlakbij de zee.
    Op goed geluk zijn we dan maar een klein hotelletje binnengestapt en na kort onderhandelen over de prijs hadden we ons ideaal relaxplaatsje gevonden. Wij waren de enige toeristen in dit complex dus kregen we een leuke kamer met open badkamer, dubbel bed, een terrasje met uitzicht op een prachtige tuin en iedere morgen een thermos verse Indonesische thee. Een open badkamer betekent dus dat we een douche namen 's morgens in de zon.
    De eerste dagen in Indonesie hebben we gevuld met heerlijk ontbijten in ons latere ' stamcafe'tje ', wat rondneuzen in de 100den kleine winkeltjes, wat inkopen doen om zelf te koken, wat lezen op het strand, ons dagelijks half uurtje lopen en vooral de prachtige zonsondergangen bewonderen. We hebben natuurlijk ook niet de ganse tijd stilgezeten want dat is niet echt iets voor ons .... dus na een paar dagen rust hebben we een scooter gehuurd om op verkenning te gaan op het eiland.
    We reden richting Nusa Dua om vervolgens door te rijden naar het idyllische maar verlaten Uluwatu. Uluwatu is een klein vissersdorpje gekend om een van de oudste tempels van Indonesie en een prachitg klein strandje die je enkel kan bereiken door het afdalen in een grot en zo door de klif te steken. De tempel Luhur Uluwatu is gevestigd op die klif met een enorm uitzicht. Overal rond de tempel zie je apen die je de kleren van je lijf zouden rukken als je te dichtbij komt. Toen wij daar toevallig rondliepen hoorden we dat er 's avonds rond 19u een heel speciaal optreden ging opgevoerd worden van een Balinese dans ( Kecak ) in een arena. Dit hebben we natuurlijk niet gemist en het was echt 'de max' om dit danstoneel van dichtbij bij te wonen. Het was wel grappig daar wij de enige waren die daar aanwezig waren zonder geboekt te hebben met een touroperator. Iedereen zat daar chique gekleed met witte hemdjes en jurkjes en wij in onze surfshort en bikini ..... Best grappig !
    Terwijl we in Indonesie waren hebben ook van onze tijd gebruik gemaakt om af te spreken met een vriendin die hier woont en Stijn Loones. Stijn ken ik ( Inga ) al lang van in de scouts en hebben dan ook een paar avondjes de tijd genomen om wat bij te kletsen en teugje samen te drinken. Stijn was wel druk in de weer met een nieuwe duikcursus maar kon 's avonds toch af en toe een gaatje vinden om eens te passeren. Gezellig en leuk om nog eens wat verhalen van vroeger boven te halen.
    Een van de dagen hebben we met de scooter ook richting Ubud gereden. Ubud is de belangrijkste stad in Bali. Onderweg hebben we onze ogen de kost gegeven aan de vele prachitge wood - en stonecarvings en vele ideetjes opgedaan over het inrichten van ons huisje.
    Vervolgens nog richting Kintamani gereden die gekend is voor de prachtige rijstvelden die we langs de weg konden zien. Indrukwekkend en echt zoals men ze vaak in de boekjes ziet. De tijd begon in te korten maar we zijn die dag toch nog helemaal noordwaarts verder gereden omdat we vernomen hadden dat in het noorden een prachtig meer lag aan de voet van de vulkaan Mount Bathur. De weg vragen was in dit platteland niet zo evident daar niemand een woord Engels sprak behalve 'yes yes '. Maw, volgens hen gingen alle wegen naar die vulkaan. Uiteindelijk na wat zoekwerk toch aangekomen aan dit prachitge meer rondom de vulkaan die af en toe nog wat van zijn kuren laat zien. Na een lange vermoeiende dag waren we rond 20 u thuis en konden we nog rustig op ons terrasje nagenieten van deze toffe dag.
    Een andere speciale ervaring was het eten van knalgroene boterhammen. Nee, neen, ik hoor jullie al denken dat die boterhammen waarschijnlijk beschimmeld waren maar het is niet zo. Steven had in de winkel brood gekocht en niet echt gekeken naar de verpakking en wat bleek toen we de broodzak opendeden ... pistachebrood in de knalgroene kleur. Niet echt slecht van smaak maar het zag er echt niet uit.
    Bali is gekend voor het golfsurfen ... dus moesten wij dat natuurlijk ook proberen. Overal kon je surfplanken huren en dit hebben we dan ook gedaan en verschillende uurtjes in het water gedobberd en gespoeld. Leuk en een aangename verfrissing bij temperaturen die soms opliepen tot boven de 40 graden Celsius. Deze hoge temperaturen waren te wijten aan het einde van het zomerseizoen en het begin van het regenseizoen die in aantocht was. In deze periode is de vochtigheidsgraad enorm hoog en de zon heeft nog een laatste krachtinspanning in petto.
    Wie op Bali komt moet natuurlijk ook een bezoekje brengen aan de Tanah Lot. Dit is een van de gekendste tempels in Indonesie, die in het water ligt. Bij het opkomen van het water is de tempel dus volledig omgeven door water en afgeschermd van de buitenwereld. Prachtig om te zien maar moeilijk te vinden .... vandaar waarschijnlijk dat de meesten deze trip boeken via een agentschap. Wij doen zo'n dingen natuurlijk met de brommer al was het deze keer echt wel zoekwerk.
    Als afsluiter van ons geslaagd verblijf in Indonesie hebben we het waterpretpark 'Waterbom' bezocht. We hadden gratis tickets gewonnen door een soort timesharing 'piepo' die dacht ons te kunnen verleiden met een paar gratis tickets in ruil voor het kopen van een appartementje. Wij natuurlijk vriendelijk die kaartjes in ontvangst genomen en dan jammer genoeg moeten mededelen dat we geen interesse hadden in het kopen van zijn appartement. Nuja, da waterpretpark was echt 'de max'! We voelden ons terug tieners en amuseerden ons rot. Er was echt een bangelijke boomerang waarbij je op een rubberenband van de glijbaan gevlogen kwam en wel een 10 tal meter de lucht werd in gekatapulteerd. Leutig, niet te doen.

    Zondagavond 3 december hebben we dan onze vlucht genomen vanuit Denpasar (Bali) richting Darwin om zo verder door te vliegen via Alice Springs naar Perth. Momenteel zitten we dus in West-Australia waar we logeren bij een vriend van ons. We hebben onze huurwagen opgepikt waar we de komende 11 weken zullen in rondtoeren, slapen en eten en zijn begonnen met de inrichting ervan.

    Terug

    Australië: no worries mate!
    Mail: 11 december 2006

    De avond viel in Denpasar ( Bali ) en wij waren klaar om de vlucht naar Australie te nemen. Om middernacht hadden we onze vlucht richting Darwin om daar dan over te stappen op de vlucht richting Perth. Bij het vliegen vlogen we over de uitgestrekte Outback van Australie en landen we nog eventjes voor een 25 tal minuiten in Alice Springs. Uiteindelijk na meerdere checks zowel van X-rai stralen als van honden die onze benen afsnuffelden stonden we op Australische bodem. Het waren speurhonden op zoek naar drugs en/of voedsel oa fruit, hout,... Want op de import van die dingen zijn ze hier heel streng. Bij ons bleef de hond eventjes hangen en vond de appel die we vergeten waren op te eten maar aangezien we voor alle zekerheid wat zaken gedeclareerd hadden, hebben ze er geen probleem van gemaakt. Gelukkig maar anders kan de boete hoog oplopen tot 2000AUD dat betekent ongeveer een 1500 euro. Het ging dus een redelijk prijzig appeltje zijn.
    De controles hier worden als maar strenger hebben we de indruk, want 3 jaar terug was hier nog geen sprake van hondencontrole. Enfin, op de luchthaven heeft een vriend van ons die hier woont ons komen oppikken. Bij hem logeren we de komende week. We zullen dus een weekje logeren in Perth en op verkenning gaan in de streek.
    Onze eerste taak maandag toen we hier aankwamen was het oppikken van onze huurwagen voor 17h00. Het was inmiddels reeds 14u toen we geinstalleerd waren in Perth. De rugzakken vlug afgelegd en de trein richting Perth genomen. Trouwens hier zijn de mensen heel vriendelijk en behulpzaam. Want in Perth heeft een vrouw ons de weg gewezen om de bus te nemen want de infodesk in Perth city wist nog minder de weg dan wij, hadden we de indruk. Eenmaal op de bus wilden we met een briefje van 50 AUD betalen maar de buschauffeur had een megaslechte dag want hij wou ons geld niet aanvaarden en melde ons dat hij geen bank of wisselkantoor was. Eerst mochten we de bus niet op, maar wij toch kordaat opgestapt en gezegd dat we het geld gingen wisselen op de bus. Na wat navragen op de bus bleek dat geen van de personen geld kon wisselen maw niemand had meer dan 36 euro op zak. Strange!!! Opeens stopte de bus langs een tweevaksweg en schreeuwde ons toe om de bus te verlaten. Hij wou ons dus droppen op een soort van autostrade. Waar precies we dan gingen zitten dat wisten we niet. Hij riep ons naar voren maar we weigerden vastberaden de bus te verlaten want we waren in ons recht en hadden genoeg geld op zak, enkel hij wou ons geen wisselgeld teruggeven. Wij dus de bus lekker opgehouden en de chauffeur nog wat nerveuzer gemaakt en gelukkig heeft ons een vriendelijk meneer zijn treinkaartje gegeven en konden onze busrit verderzetten tot waar we moesten zijn. Bij het afstappen van de bus hebben we de ''vriendelijke buschauffeur" nog eens hartelijk bedankt en met een vriendelijke smile uitgewuifd ;-)
    Na paar minuutjes wandelen zagen we de ophaaldepot en zagen we onze chique wagen die op ons stond te wachten. We hebben een Ford Valcon gehuurd voor 11 weken waar we in zullen leven, koken, slapen, rondtoeren, ... Deze wagen is een V8 benzinemotor met automatische versnellingsbak. Yeehaaa !!!! We verlangen al naar het nieuwe avontuur in deze wagen. Voor ons is het leuk om paar weken eenzelfde autootje te hebben en niet iedere dag een andere slaapplaats. Het zal dus een gemakkelijke aanpassing zijn om in een auto te slapen. Met behulp van tal van campeermateriaal zoals tafel, stoelen en kookgerief die we gekregen hebben is het stukken beter om rond te toeren en zijn we volledig geinstalleerd om de Australische wegen onveilig te maken.
    De weg terugvinden van de ophaaldepot naar het huis van Edward, bij wie we logeren was niet echt simpel. Gelukkig wist Inga nog een beetje de weg daar ze hier 3 jaar terug ook even gelogeerd heeft. Edward is de persoon die ik ( Inga ) ken van kleinsaf en die op z'n 9 verjaardag verhuisd is naar het verre Australlie. Voor een ventje van 9 jaar was dit wel een serieuze stap in het leven. Bij Edward mochten we dus deze week logeren. Daar logeren we dus de komende week en genieten we van zijn gastvrijheid zoals tv kijken, het gezellig in huis zitten en wat bijkletsen enz.
    Onze 2de dag in Australia hebben we 'lazy' doorgebracht met oa onze auto verder inrichten en wat inkopen doen. Natuurlijk moesten we ons verblijf goed inzetten met een ferme bbq bij Edward thuis met een lekker gekoeld biertje. Zalig ! Edward had de dag erna vrijaf genomen zodat we wat konden rondlopen in Perth City samen met hem. Nog wat rondgehangen in campeerwinkels waar we een extra rooster voor de BBQ hebben gevonden. Bbq'en zal dus heel geregeld op ons programma staan.
    In de middag hebben we ook The Perth Mint bezocht opgericht in 1899. Trouwens daar maken ze alle in omloop zijnde geldmuntstukken van Australie. De grootste verdeler ter wereld trouwens.
    De dagen vliegen voorbij althans voor ons. De dag erna richten we nog wat verder de auto in en hebben we nog wat boodschappen gedaan voor de rit door Australie. 's Avonds hebben wij een Belgisch gerechtje klaar gemaakt voor onze Australische huisgenoten. Met een toetje als dessert: bananenpannekoeken...hmm. 's Avond nog wat gebabbeld via Skype met de Belgische bodem. 't Was wel de max na een tijdje een paar vrienden terug te horen al is dit niet zo gemakkelijk met het uurverschil van 8 uur.
    Ondertussen was het al vrijdag en tijd om eens naar de Pinnacle Desert te gaan. Gelegen op 250 km van Perth dus zo'n 2h30 rijden. We zijn dus vroeg opgestaan om dan daar voor de middag te zijn. Pinnacles Desert is een onderdeel van het Nambung National Park en bestaat uit duizenden rotsformaties in woestijngrond. Het zijn net 1000den stenen termietenheuvels die uit de woestijn opduiken. Heel speciaal en zeker de lange rit waardig. Dichtbij Pinnacle Desert is Cervantes gelegen aan de zee. Helder blauw water maar ernorm veel wind. Daar hebben we onze lunch genuttigd, slaatje op het strand, zalig. In de late namiddag terug aangekomen op ongeveer 46km van Perth om dan wat 'winetasting' te doen in de Swanvalley. In de loop van onze rit door Australie bezoeken we nog meerdere wijnboeren dus hielden we het hier enkel bij 1 wijnboer namenlijk Houghion. Daarna hebben we nog een kort bezoekje gebracht aan The Margaret River Chocolate Factory. Daar kon je verschillende soorten chocolade proeven en zien hoe ze de chocolade in de vormen goten. Nie te doen, massa's chocolade zomaar om te grijpen .... gevolg .... beetje buikpijn als we terug in de wagen kropen. ;-)
    Zaterdag was opnieuw een 'lazy' dagje. 's Avonds hebben we lekker gegeten in een boedistisch vrijwilligersrestaurant en daarna ons in de zetel geinstalleerd en eens een filmpje meegepikt. Zondag namen we de auto met Edward richting Frementale. De marktjes in Frementale zijn echt leuk. Enkel in het weekend is er markt dus er was natuurlijk vanalles te zien. We hebben daar rustig wat rondgehangen en op tijd gestopt om cremeke te likken. Als apero zijn we een oude brouwerij binnengestapt en een fris pintje naar binnen gewerkt.
    Voila, terwijl jullie dit mailtje lezen zitten wij waarschijnlijk in de wagen en hebben we Perth verlaten. We rijden via Margaret River langs de kust naar Albany om zo in Esperance, binnen een weekje, weer een teken van leven te geven.
    Hou jullie goed en nu letterlijk tot ergens in de bocht, he Greetz mates !

    Terug

    De kaap van 100 dagen voorbij: Esperance - aards paradijs
    mail: 18 december 2006

    Gepakt en gezakt vertrokken we op maandag 11 december met onze slaapauto zuidwaarts. Ons auto-avontuur voor een kleine 11 weken gaat eindelijk van start. We vertrokken kort na de middag zodat we een mooi stukje konden doorrijden en we dus niets moeten voorzien van eten daar we 's middags nog warm gegeten hadden.





    Onze eerste koffiestop nemen we in Rockingham. Die koffiestops zijn een aangename rustpauze en dit onderhouden we gedurende al onze autoritten. Het is niet omdat Inga paar kilootjes verdikt is van het goeie leven dat we ons volledig op water en brood moeten zetten he ... ;-)



    Enfin, onze eindbestemming van die dag was Mandurah waar we op Preston Beach gingen overnachten. Het was er niet echt warm maar dit wisten we daar de Westkust van Australie zoiezo wat frisser is dan de Oostkust.





    Na wat uitpakken en overladen van onze spullen van de kofferruimte naar de zitplaatsen genoten we met dikke trui van de wind en het geluid van de zee en nuttigden we ons avondeten. Na een mooie zonsondergang met vissers op de achtergrond sloten we onze autodeuren en gingen we op zoek naar dromenland.





    De volgende morgen na een heerlijk ontbijt op het strand met cornflakes, fruit, yoghurt en een tasje koffie besloten we om onze eerste kangeroes op te gaan zoeken in het nabijgelegen Yalgorup NP. Hier hebben we een uurtje gewandeld naar een opgedroogd zoutmeer en hebben we onderweg massas kangeroes gezien die in de schaduw wat afkoeling zochten voor de warme temperaturen. Na onze wandeling zijn we dan vertrokken naar Bunburry waar we aan het strand lekker zelf gekookt hebben. Deze keer wel onder een boom dus uit de zon want de temperatuur liep op tot boven de 40 graden Celsius. De zon doet hier dus goed haar best maar om onze huid toch wat te beschermen proberen we geen onnodige risico's te lopen op huidkanker e.d.



    De voorziene koffiestop was in Busselton die gekend staat voor het onderwaterleven en het maritiem museum. Op het einde van de pier was een toeristische attractie waarbij je in een koker kon afdalen tot op 9 m onder de zeespiegel om zo een glimp op te vangen van het onderwaterleven. In de koker zelf zijn we niet geweest, het leek ons nogal duur en aangezien we toch af en toe gaan duiken vonden we het nutteloos om daar geld aan uit te geven.





    Van daaruit zijn we vertrokken naar Yallingup gelegen langs de Cave Route. De caves zijn echt gekend in deze regio en ook enorm gepromoot op de radio ( de zeldzame momenten dat er natuurlijk radio-ontvangst is ).



    Net op tijd konden we nog deelnemen aan de laatste rondleiding in de Ngilgi Cave. Het deed deugd om tot 37 m onder de grond af te dalen en daar wat afkoeling te vinden. Hier hebben we een kilometer onder de grond gewandeld en meer dan 700 treden gedaald om prachtige stalagmieten en - tieten te zien. Na het bezoek aan de cave gingen we richting Margaret River die gekend is om de winetasting. De meeste wijnboeren sluiten hun wine-tastings af rond 17h00 maar met wat geluk hebben we toch nog een gevonden die open was tot 18u en hier dus een lekkere apero genomen ;-)



    Die avond hebben we geslapen in Augusta, het meest zuid-westelijke punt van Australia waar de Indian en the Southern Ocean samenkomen. Hier was de koude wind echt wel aanwezig maar met het zicht op de prachtige vuurtoren vonden we dit een ideale slaapplaats.





    Woensdag hebben we onze tocht verdergezet richting Pemberton. Onderweg stonden we versteld van de vele afgebrande en verwoeste bomen. Momenteel zijn er in Australie geregeld bosbranden die hectares bossen vernietigen al dan niet door de mens aangestoken. Overal zie je dan ook langs de weg borden die aangeven dat het verboden is kampvuurtjes te maken en dat de kans op bosbranden bij deze temperaturen hoog tot extreem hoog is.



    Pemberton staat bekend voor zn Gloucester Tree. Dit is een boom die je kan inklimmen van 60 m hoog. Dit is de hoogste uitkijkboom ter wereld. In 1947 diende deze boom als lookout voor bosbranden in de omgeving. Momenteel dient de boom als toeristische attractie en kan men via ijzeren staven, die in de boom aangebracht zijn, naar boven klimmen. We hebben lang getwijfeld maar aangezien het weer plots begon te overtrekken en het lichtjes begon te motregen hebben we wijselijk besloten niet te hoog te gaan.



    Die dag reden we uiteindelijk nog in regenachtige omstandigheden verder via Denmark naar Albany.





    Donderdagmorgen hebben we rustig wat rondgehangen in Albany en ons lekker gedouched in Milderton Beach.



    Vandaag zijn we ook juist 100 dagen op reis dus deed dit relatief rustdagje ons echt wel goed. We reden richting King Lake waar we gekampeerd hebben op de speelplaats van een klein schooltje. Echt de max, alles dicht bij de hand ... douches, toiletten, basketbalveldje, enz.



    Na ons te hebben geinstalleerd hebben we deze mooie dag afgesloten met een teugsje wijn, lookbroodje, champignonsausje en een croque monsieurtje met sla.





    De volgende dag stond een toeristische trekpleister op het programma. Wave Rock in Hyden. We hebben lang getwijfeld om dit natuurwonder te bezoeken daar het volledig uit onze weg lag maar uiteindelijk hebben we besloten dit toch niet te missen. Wave Rock is een granieten gesteente van 15 m hoog in de vorm van een reusachtige golf. Prachtig om te zien ....



    In de namiddag zijn we doorgereden richting Esperance waar we de komende dagen mogen logeren bij kennissen van ons. Nog een laatste keer een heerlijk thuisgevoel ... we kijken er echt naar uit.





    Daar we nogal laat aangekomen zijn in Esperance besloten we in de wagen te slapen en pas de volgende morgen aan te kloppen bij onze kennissen. Na een woelige nacht waarbij enkele australische dronkaards ons midden in de nacht wekten werden we opnieuw 's morgens om 8u gewekt door een 'Ranger'. Een Ranger is een opzichter voor de stad in dit geval dus voor Esperance. Hij begon van zn oren te maken dat we niet mochten kamperen in de stad en dat dit blijkbaar overal zou aangeduid staan en blablabla ....



    Nu, Steven heeft zich wat van den domme gebaard en zijn engels wat slechter laten klinken...Steven vertelde hem dat de locale bevolking ons had gezegd dat we hier wel mochten overnachten maar niet op de Esplanade van Esperance.



    Hij vertelde ons dat er enkel mocht geslapen worden in hotels, jeugdherbergen en campings,...enfin we zijn er goed van af gekomen zonder enige boete want normaal kon hij ons 100 australische dollar aanreken. Oef ...



    Na ons muesli-ontbijt en een cake gekocht te hebben voor onze kennis zijn we gearriveerd bij Catherine en Brain.



    We zijn er hartelijk ontvangen door hen en daar mochten we enkele dagen genieten van de huissfeer.



    Zaterdag hebben we de ganse dag gewoon lekker, gezellig wat bijgekletst en onze wagen wat opgeruimd.



    De volgende dagen gingen voorbij door wat bij te kletsen van vroeger, lekker te eten en onze boekhouding bij te werken en onze verdere reisplannen uit te stippelen.





    Gisteren zijn we naar een echt aards paradijs geweest om te genieten van de zon, zee en strand.



    Met de jeep hebben we de ganse kustlijn afgereden en geregeld gestopt om in het helderblauwe water te springen. Zalige verfrissing als je weet dat de thermometer gisteren 41 graden aangaf.



    's Middags lekker gelunched op het strand in Cape Le Grand National Park. We hadden lekkere sandwiches voorzien en met onze frigobox en een parasol waanden we ons echt als God in Frankrijk. Nu, twas lik iets te schoon want plots kwam er een briesje langs die de parasol uit de grond rukte en dat ding vloog recht op Steven's hoofd. Gevolg ... een ferme gabbe en het bloed begon te stromen. Eventjes paniek maar al vlug schoten we in een lach en met wat ijs op de wonde te leggen viel de averij al bij al nog mee.





    Vandaag hebben we onze dag gevuld met e-mails schrijven, onze vluchten te checken, wat inkopen te doen en natuurlijk voor een laatste keer lekker en uitgebreid te eten bij de mensen waarbij we logeren want vanaf morgen rijden we in 5 dagen naar Adelaide, een kleine 2000 km verderop.





    Moesten we jullie niet meer horen of schrijven de komende dagen wensen we jullie alvast een zalige Kerst en vooral een gelukkig en gezond 2007.





    Take care,



    Cheers,



    Steven en Inga



    Terug

    Nullabor: a bloody long way...
    Mail: 22 december



    Nadat we het 2de thuisgevoel nog eens ervaren hadden bij onze vrienden Catherine en Bryan vertrokken we dinsdagmorgen richting South Australia met als eindbestemming Adelaide.





    Onze tocht was een enorme lange weg maar we waren goed voorbereid op dit avontuur. Na +/- 2 uur namen we onze eerste koffiestop in Norseman waar de allombekende Nullarbor voor ons begon.





    The Nullarbor is het latijnse woord voor ''no trees''. De volledig weg begint eigenlijk vanuit Perth en loopt tot in Adelaide over een afstand van 2700km of de afstand van London tot Moskow op 1 weg.



    The Nullarbor is ook de enige weg in de wereld die over een afstand van 146.6km altijd rechtdoor loopt en dit zonder kruispunten, verkeerslichten en filles m.a.w. je moet je stuur zelden of niet aanraken. Er zijn wel voldoende andere hinderpalen op deze weg namelijk overstekende Kangeroes, Koala's, Emu's en zelfs wilde Kamelen.





    Onze tijd verliep heel snel daar we onze bezighouding hadden met foto's nemen, Kangeroe's te ontwijken, veel te babbelen, U2 en ander typische Australische muziek door de boxen van onze V8 te blazen. Kortom het was leutig.





    Onze slaapplaatsen waren niet altijd evident te vinden. Ergens in de middle of ...parkeren, camperen en slapen. Daarbij hadden we op het einde ook nog een uurverschil van 45 minuten die we moesten bijtelen. Verder aan de grens kwamen er nog eens 45 minuten bij wat het uurverschil met Belgie nu op 9h30 brengt.



    Onze stopplaatsen waren Madura, Ceduna en onze derde nacht dachten we in Port Augusta door te brengen maar de Aboriginals deden onze plannen veranderen.



    Tijdens ons middagmaal op de Esplanade werden we door een paar stomdronken Aborginals geanimeerd waardoor onze eetlust snel afnam. Trouwens we hadden nog een leuke optie achter de hand namelijk als we verder reden richting Adelaide hadden we misschien de kans om in het hotel van onze vrienden te overnachten! Wat voor ons natuurlijk een droom zou kunnen zijn...



    Onze vrienden Koenraad en Lynn zijn ook net toegekomen in Adelaide en hebben de kamer voor 3 dagen geboekt. Terwijl zij op zoek waren naar Kangeroe's en andere dieren op Kangeroe Island mochten we van hen onder hun naam inchecken en konden we genieten van hun mooie hotelkamer met bad en douche....





    Voila zondag gaan we de Outback in en dit voor een goeie 2 weken. Dit is voorlopig de laatste mail vanuit Down Under voor de Kerst- en Nieuwjaarsperiode. We zouden zeggen geniet nog van jullie vrije dagen, feest niet te veel (hou nog wat reserves over voor ons)...en vooral een prettige kerst en gelukkig nieuwjaar!!





    Dikke kerst- en nieuwjaarskussen



    Steven en Inga 


    Terug

    Ons avontuur in de stoffige Outback !!!
    Maandag 8 januari 2007

    G'day mates,

    We zijn hier terug na ons avontuur in de outback !

    In ons laatste mailtje vertelden we dat we onze vrienden Koenraad en Lynn getroffen hebben in Adelaide. Zaterdag 23 december trokken we dus met z'n allen de stad in. We bezochten ondermeer de gedenkplaat van de F1-piloot A. Senna. Hier in Adelaide staat deze steen ter nagedachtenis aan Senna die hier z'n laatste Grand Prix won vooraleer hij kort daarna crashte. De gedenksteen stelde niet zo veel voor, maar stond toch redelijk bovenaan op ons ' to-do-lijstje'. De rest van de dag hebben we ruim de tijd genomen om wat rond te hangen op de esplanade, ijsjes te eten, enz



    's Avonds hebben we nog gezellig een pizza'tje gegeten met een bijpassend wijntje en rond middernacht in onze auto gekropen die op de parking van het hotel stond van onze vrienden.





    De volgende morgen moesten Koenraad en Lynn hun Landcruiser 4x4 gaan oppikken en na het nodige papierwerk vertrokken we richting Barossa Valley. Na 74 km kwamen we aan en begonnen we aan onze uitgebreide 'winetasting' (wijnproeven). Er waren wel meer dan 100 wijnboeren die 'tastings' (proeverijen) aanboden, dus hebben we serieus moeten selecteren. Jacobs Creek en Vine Crust waren onze toppers en waren de ideale voorzet om in de stemming te geraken voor Kerstavond...

    Terwijl Inga haar patatjes en groentjes aan't bakken was en haar Kangeroosteakje op tijd draaide, nestelden wij ons met z'n drietjes in de klapstoeltjes. Nadat we lekker gegeten hadden, kropen we terug gezellig in ons autootje en gingen we slapen.





    Op Kerstdag waren we reeds vroeg uit de veren. Vandaag stond een lange tocht op het programma richting Flinders Range met eindbestemming Wilpena Pound. Via de stadjes Kapunda, Burra, Peterborough en Orroroo reden we richting onze slaapplaats. Bij het binnenrijden van het National Park moesten we een kleine donatie in een box stoppen om het domein te mogen betreden. Geen madamke in een kotje dus die je vriendelijk toelacht .... eigenlijk wel te begrijpen als je weet dat er mischien 2 auto's per dag passeren.



    Eenmaal aangekomen in Wilpena bleek alles gesloten gezien het Kerstdag was. Behalve een goed aangeschoten vrouwtje aan het vervallen tankstation, was er niet echt veel te beleven. Steven had natuurlijk van de gelegenheid gebruik gemaakt om van de licht aangeschoten pompbediende nog een extra korting los te peuteren en een gratis koffie voor ons beiden te verkrijgen.




    Om dit mooie natuurgebied te verkennen, haalden we onze wandelschoenen nog eens boven en begonnen we aan een uitgestippelde wandelroute die ons naar een 'lookout' (uitkijkpunt) ging brengen over de Flinders Range. Een serieus zware wandeling, maar wel de moeite waard.





    Rond 18h00 waren we terug en besloten we de jeep van Koenraad en Lynn eens te gaan testen, offroad. We zouden naar Sacred Canyon rijden waar we rotstekeningen konden zien van Aboriginals. Rotstekeningen hebben we echter niet gezien (behalve paar domme krabbels) maar we hebben ons wel ferm geamuseerd met die 4x4. Op de terugweg hadden we wel bijna een kangeroo mee maar nog net op tijd konden we remmen. Die beestjes komen dus vooral uit bij valavond en lopen gewoon recht op je auto af .... niet echt slim als je met een tank van bijna 3000 kg afkomt.





    De volgende morgen, 26 december, werden we weer vroeg gewekt door de vogels en na het ontbijt vertrokken we richting Arcarroola. Dit was een onverharde weg, iets korter dan de verharde route dus gingen we het erop wagen. Na een half uurtje hebben we toch wijselijk besloten om van die onverharde weg af te gaan en onze weg terug verder te zetten op asvaltbanen. We hebben ons Fordje nog wat nodig en wilden geen onnodige schade aanbrengen aan onze auto. Rond de middag kwamen we dan aan in Leigh Creek waar we rustig de namiddag doorgebracht hebben.






    Ondertussen was het al 27 decemer en besloten we in overleg met Koenraad, die de weg op de kaart heel grondig thuis bestudeerd had, om via Marree naar Coober Pedy te rijden.



    Marree staat symbool voor een laatste stopplaats van de oude Ghan trein die rijdt van Adelaide naar Darwin. Hier hebben we nog een korte pitsstop gehouden maar eigenlijk was hier 3 keer niets .Een tankstation die extreem hoge prijzen vroeg per liter en een supermarktje waar meer dan de helft van de voedingswaren over datum waren, maar ja .... dat was blijkbaar het begin van ons echte Outback avontuur. We werden er trouwens ook bijna bekeerd door een verschrikkelijk stinkende vrouw die ons haar geloof verkondigde en ons vertelde dat we het nog lastig gingen hebben. Wij daar niet veel van aangetrokken en onze V8 gestart en vertrokken, maar later ging blijken dat dat vrouwke ergens wel gelijk ging hebben.






    Nu, na zo'n 30 km vertrokken te zijn uit Marree begon onze nachtmerrie. Wat bleek .. er was geen verharde weg meer. Enkel nog 'unsealed roads', meerbepaald geschikt voor 4x4 auto's. Daar stonden we dan, op 'the point of no return' ... Koenraad wist ons te vertellen dat deze weg open was (op papier) voor alle auto's dus wij gingen het er toch maar op wagen. Het was 207 km naar William Creek waar we normaal onze apero gepland hadden maar het verhaal verliep heel anders. Daar die wegen niet geschikt zijn voor normale wagens konden we bij momenten maar 30 km/h rijden. Onze vrienden gingen ons opwachten in het kleinste dorpje ter wereld met 6 inwoners terwijl wij onze rijkunsten probeerden te etaleren. En toen was't plots van datte e .... we hadden juist een dingo zien passeren en plots begon onze wagen te zwiepen en weg en weer te slaan ... resultaat : lekke band achteraan en dit in Aboriginalland. Gelukkig rap de handen uit de mouwen gestoken en al rap lag de nieuwe band erop. De eerste keer dat Inga trouwens een band moest helpen vervangen ...



    Nadat onze vrienden teruggedraaid waren, hebben ze onze band meegenomen om te laten herstellen en dokkerden wij verder naar het volgende minidorpje op de onverharde 4x4 road. We begonnen er lichtjes genoeg van te krijgen want er leek geen einde aan te komen maar uiteindelijk bereikten we die avond toch nog Coober Pedy nadat we meer dan 12u door elkaar geschud waren.



    Onderweg passeerden we nog de gekende ''Dog Fence'', dit is een omheining van meer dan 5400 km om de schapen te scheiden en te beschermen van de dingos. Dit is de langste omheining ter wereld.





    De volgende dag hebben we uitgeslapen en bewust de auto een dagje laten rusten en hebben we Coober Pedy 'de ondergrondste stad' bezocht. Coober Pedy is afgeleid van ''Kupa Piti'' wat in aboriginaltaal betekent ''gat in de grond van de blanke mens''. Hier leven de mensen dus onder de grond vanwege de verschrikkelijke hitte. We hebben er een ondergrondse kerk bezocht, pintje gedronken in een ondergronds cafe, een 'desert cave' (woestijngrot) hotel bezocht. Tevens ook een ondergronds golfterrein bezocht. We hebben ook een van de weinige bezichtbare ondergrondse woningen bezocht genaamd ''Dug out''. Deze ondergrondse woning was echt indrukwekkend, gebouwd door 3 vrouwen die er 10 jaar van hun leven aan gewerkt hebben om deze woning uit te houwen. Mensen wonen hier onder de grond omdat de temperatuur in die ondergrondse woningen constant op 25 graden ligt 's zomers en winters. Dit bespaart de inwoners dus immens veel stook en/ koelingskosten. Deze stad is eveneens gekend als de opaalstad waar je dus overal opaal kon kopen maar wij hebben het gehouden bij etalage kijken. In de omgeving zijn er honderden mijnen te zien die als grote witte molshopen het landschap domineren. Sommige mijnen zijn te bezoeken voor het publiek maar door de enorme hitte was dit voor ons niet mogelijk daar de mijnwerkers vluchten naar koelere oorden.



    Coober Pedy is ook gekend voor het draaien van een aantal populaire films zoals :



    * Priscilla Queen of the Desert



    * Mad Max III



    * Kangeroo Jack



    * Opal Dream



    * Etc





    De volgende dagen reden we via Kulgera richting Curtin Springs om op 30 december binnen te rijden in Ayers Rock National Park. We arriveerden er rond 15h00 en zochten die namiddag nog wat afkoeling in het bezoekerscentrum. Hier kon je massa's aboriginal Art aanschouwen en wat bijleren over de aboriginal cultuur. Hier liepen er echter niet te veel aboriginals rond ... mischien was de reden dat er hier een algemeen alcoholverbod was rond Uluru en de 'Abies' dus maar wat verder getrokken zijn. De paar die we daar gezien hebben hielden hun naam in eer door uren te stinken in de wind.



    Om 17h45' begonnen we dus aan onze wandeling rond Uluru - gekend als Ayers Rock - 1 van de 7 wereldwonderen. De temperatuur lag op dat moment nog steeds rond de 40graden in de schaduw en was dus enorm vermoeiend. Nadat we liters water gedronken hadden hebben we deze wandeling met succes afgewerkt en bij zonsondergang genoten met een fruitsapke en wat chips bij deze magische steen.
    Uluru is dus de grootste monoliet ter wereld van 348 m hoog. Ayers Rock is het symbool van Australia. Uluru heeft een unieke spirituele betekenis voor de aboriginals, wiens voorvaderen minstens 20.000 jaar geleden al in het gebied leefden. Verscheidene heilige plaatsen rond de voet van de berg mochten niet worden betreden of gefotografeerd.






    De volgende dag - de laatste dag van het jaar - stonden we heel vroeg op want we hadden heel wat te doen. We wilden de zonsopgang meepikken bij Uluru.



    Vervolgens trokken we naar de Kata Tjuta (de Olgas) waar we een prachtige wandeling tussen de Olgas gemaakt hebben. De Olgas zijn een indrukwekkende reeks van 36 koepelvormige rotsen die een fascinerend kleurschouwspel bieden. De letterlijke betekenis van Kata Tjuta is ''veel hoofden''. We moesten voor 11u terug zijn op ons beginpunt want de wandeling werd gesloten op dat uur door de extreme hitte.





    Na onze wandeltocht gingen we op zoek naar het shoppingcentrum voor de 'toeries' om de nodige inkopen te doen voor oudejaarsavond. Inga kon haar creativiteit dus weer de vrije loop laten om weer iets lekkers, origineels op tafel te toveren.



    In de namiddag zochten we wat afkoeling in het zwembad van de camping (wild kamperen was verboden) want de temperaturen liepen op tot 48 graden in de schaduw en rond 18h00 begonnen we aan onze apero en genoten met wat Ipod-muziek op de achtergrond van oudejaarsavond.





    Op 1 januari vertrokken we richting Alice Springs, het kloppende hart van de Outback. Op de weg nog snel een kamelenboerderij bezocht. Net voor we Alice Springs binnenreden waren we nog getuige van een zwaar verkeersongeval waar we toch eventjes niet goed van waren.





    In Alice Springs hangen dus massaal veel stinkende aboriginals rond maar die blijkbaar wel de aboriginalkunst levendig houden. Op iedere hoek van de straat zie je er een artgallery of iets dat met hun cultuur te maken heeft. Daar hebben we dan ook een prachtige didgeridoo gekocht die nu ergens op de boot zit richting Sint Idesbald.





    2 januari hebben we tijdens de dag rustig wat rondgehangen in Alice Springs en ondermeer de Royal Flying Docters bezocht. 's Avonds zijn we dan iets verder gereden richting Ellery Creek Big Hole waar we onze vrienden Koenraad en Lynn terug vonden. We sliepen er in de 'open bush' wat voor camping moest doorgaan. Niets van accomodatie behalve 's avonds bij volle maan wat entertainment van huilende dingos. We kregen zelfs onverwacht bezoek van paar beestjes die op zoek waren naar wat voedsel...





    Voila, dit is kort samengevat wat we allemaal uitgespookt hebben in de Outback. De rest van ons vertrek uit de Outback tot waar we nu zitten in (Cairns) hoor je in een van de volgende dagen. Morgen gaan we duiken in de Great Barrier Reef en binnen een paar dagen brengen we daar dus wel verslag over uit.






    Groetjes vanuit Queensland !





    Inga en Steven



    Terug

    Van Alice Springs naar de .. (eindelijk) zee!!
    Maandag 8 januari

    Jepsie,

    We zijn hier nog een keer. Misschien wat snel na elkaar maar das onze schade dat we inhalen.
    We waren dus vertrokken uit Alice Springs richting Oostkust ...de zee was eindelijk weer in zicht en misschien ook een frisser zeebriesje?
    Het was een lange autorit van bijna 3000 km zonder veel te zien, een eentonige route dus.

    We reden richting noorden om vervolgens op 1000 km van Darwin af te slaan naar de oostkust. Eerst hielden we nog een stop in ''Devils Marbels''. Dit zijn enorme balancerende eivormige rotsen (duivelknikkers), die volgens de overlevering van de Aborginals in de "droomtijd" (scheppingstijd) door de regenboogslang gelegd zijn. We merken steeds meer hun cultuur op en het valt op dat ze steeds meer en meer hun stempel op de omgeving zetten.
    Ondertussen passeerden we ook de steenbokskeerkring alhoewel we daar maar weinig van merkten.

    Onze volgende pitstop was Tennant Creek, dit dorpje ligt aan de afslag voor de route naar het oosten. Tennant Creek ligt niet waar het ooit gepland was, maar een stuk zuidelijker. Aan het begin van de jaren 30 van de vorige eeuw ging een hotelier met een wagen vol bier & bouwmateriaal van Alice Springs naar Darwin - het noorden - om een hotel te bouwen bij het telegraaf station. De as van zijn wagen brak al voordat hij op zijn plaats van bestemming was gekomen en hij besloot er zijn hotel te bouwen. De goudzoekers uit de omgeving vonden al snel hun weg naar zijn hotel en het groeide uit tot een welvarend dorp. Zo zie je dat ook vroeger al bij het reizen de plannen vlug kunnen veranderen.

    Met dit in het achterhoofd besloten wij ook een stuk verder te rijden dan we gepland hadden.
    Wij besloten om op de camping in Barkly te slapen. Normaal gingen we wild kamperen, maar doordat we net voor onze geplande slaapplaats een persoon in het gras zagen liggen langs de kant van de weg hebben we dat wild kamperen maar uitgesteld. We wisten niet goed wat te doen ... moesten we die gast hulp aanbieden of was het een valstrik? We riskeerden het niet om hem op te pikken of hij nu om hulp vroeg of niet! We vonden het nogal bizar aangezien hij daar lag zonder enige auto, fiets...op een baan zonder iets. Het kon evengoed zijn, indien we stopten dat hij ons een mes in de rug stak of met 3 andere 'wackos' - die verstopt waren - ons overvielen....You'll never know in die Outback!!
    We voelden ons veiliger op de camping... De warmte was nog altijd even ondraaglijk maar enkele ramen openzetten in ons autootje kon toch voor wat afkoeling zorgen.

    Daar we nog ver moesten rijden, werd het een korte nacht en stonden we om 5 uur op om onze tocht verder te zetten. Na wat douchen trokken we richting Mt Isa om vervolgens in Pentland te overnachten.Pentland ligt op 235 km van Townsville, de oostkust waar we nu toch wel naar uitkeken.

    De warmte was hier al iets beter maar we hadden nu iets anders wat ons lastigviel...verschrikkelijk veel muggen. Het leek wel bijen die massaal rond ons gingen. Die kwamen met de avond uit en na het douchen kregen we het gewoon al warm door de muggen-motten-vliegen- ... aanvallen die op onze zenuwen werkten. Na 11h met de auto te rijden waren we moe en besloten we al gauw om in onze vertrouwelijke auto te kruipen weg van de muggen en met gesloten ramen.

    De volgende morgen, 6 januari, moesten we terug vroeg uit de veren. Het rijden verliep vlot en we besloten vandaag tot onze eindbestemming in Cairns te rijden (+/- 6h rijden) .
    Gelukkig maar dat we al serieus veel hadden gereden want aan de westkust was een zware storm geweest de dag voordien. Die was op komst vanuit Alice Springs en wie weet volgde hij ons. Niet enkel die storm kon ons in de miserie werken maar door de hevige regen staan de Highways hier geregeld onder water maw 'flooding' (overstroming) met als gevolg: wegen kunnen afgesloten worden voor enkele dagen, zelfs weken ... en wij maw dus ook. Neen, liever niet en eventjes op onze tanden bijten en asap doorrijden tot in Cairns.
    Op de radio konden we vernemen dat er reeds vele campings in West Australia ontruimd werden door de regenstormen ....

    Aangekomen in Cairns leek het hier een "ander" land te zijn. Groen, vochtig en veel bananenplantages te zien. Queensland staat ook bekend voor de rietsuikerplantages. In het noorden (Darwin) vind je die plantages ook maar daar is er vorig jaar veel verwoest door een storm. Het gevolg van die stormen is dat de prijs van de bananen redelijk hoog is. Normaal gezien heeft Australia 3 zware stormen per jaar maar vorig jaar of dit jaar (weet niet meer precies) waren er dat 17. Niet slecht he...

    Enfin we hebben die avond nog genoten van het levendige Cairns en de Esplande bewandeld. Het was lang geleden...de bewoonde wereld. Misschien toch een beetje de zee gemist?

    Voor de rest niet veel speciaals gedaan. Wat uitgerust van de 2, 1/2 dagen lange rit naar het oosten.
    Natuurlijk ook eens genoten in een restaurantje op de Esplanade van ''Fish and Chips'', trouwens iets typisch van Australie en echt lekker.
    Gisteren hebben we ons autootje ook eens een goede poetsbeurt gegeven en het stof achtergelaten. We moeten hem een beetje soigneren want we moeten hem nog een maand kunnen gebruiken, onze gaspaar.

    Voila ...morgen proberen we een duik te nemen in The Great Barrier Reef die bekend staat voor de prachtige koraalriffen en het mooiste onderwaterleven ter wereld.

    Ik zou zeggen veel leesgenot en tot mails..
    See you mate...
    Steven en Inga

    Terug

    Dagje werken op duikboot in ruil voor free diving ...
    Zaterdag 13 januari

    The Great Barrier Reef...woensdag, de dag om het schoonste stukje onderwaterleven van de wereld te ontdekken. Trouwens 1 van de 7 wereldwonderen of het mooiste koraal ter wereld.



    Na het ontbijt trokken we vol spanning naar de Pier waar de boot ons opwachtte. Gepakt en gezakt met duikbril, bikini, handdoek en logboek vertrokken we om 9h00 richting Norman Barrier Reef. Het stukje waar we deze dag gingen doorbrengen met duiken en snorkelen.





    Op de boot moesten we 1 en ander van papierwerk doorlezen en ondertekenen. Dit waren veiligheidsredenen zodat zij (duikagentschap) niet verandwoordelijk waren voor grove fouten. Infeite kan er niets gebeuren als je zelf alles nacheckt. Trouwens dit is een van de vereisten als je duikt. Eenmaal we onze uitrusting kregen, konden we ons klaarmaken voor het duiken. Vooraleer we het water insprongen kregen we eerst nog een korte briefing. Doordat onze laatste duik meer dan een jaar geleden was, konden we beter onze eerst duik met een gids doen. Misschien beter om ons te orienteren onder water en zo konden we ook meer op het gemak The Great Barrier Reef ontdekken. We konden even ons Nederlands accent bovenhalen want we hadden een Nederlander die ons gidste. Leuke kerel en goede instructer in vergelijking met 'diene piepo' die we vorige jaar in Thailand hadden. 





    Het duiken zelf verliep vlot en we zagen tal van vissen oa de Wally, een grote dikke vis nogal groenachtig maar heel lief. Deze kan je trouwens strelen onder z'n kin en hij geniet er nog van ook. Triggerfish, clownfish, seacumcumber ...maar geen haai.





    In de middag kregen we nog de tijd om te snorkelen zoveel we wilden. Dit hadden we reeds gedaan voor we doken. Het geluk hier is dat je al veel ziet als je gewoon snorkelt doordat de koralen niet diep liggen zoals in sommige andere landen.





    Bij het duiken hadden we ook het geluk de onderwatercamera te mogen gebruiken van Lynn en Koenraad. 

    Onze lunch was super...een heerlijk saladebuffet van olijven tot fruit.



    In de late middag moest de crew dan wat spullen overladen naar een andere boot die 3 maanden op het water bleef. Dit is de boot waar je de 3 daagse cruise kan boeken. Dus tal van mensen op onze boot stappen op de andere boot over om daar hun nacht door te brengen.



    Op de terugweg kwam een dame ons een gunst vragen of wij 1 van de dagen konden werken op de boot als host/ess. Er werd niets betaald maar je kreeg alles in natura zoals 2 duiken waarvan 1 met zekerheid en gratis eten en drinken. Na wat overwegen - niet te lang - beslisten we om vrijdag (gisteren dus) ons eens te laten gaan. Voila onze dag was geslaagd, een mooie duik en daarbij nog een gratis duik binnen 2 dagen.





    Woensdag na het joggen op de Esplanade, want die is hier echt prachtig, trokken we richting Kuranda. Kuranda is niet echt speciaal, gewoon wat winkeltjes. Trouwens er rijdt een treintje vanuit Cairns naar daar. Maar de prijs (60 euro p.p) leek ons iets te hoog voor gewoon op een treintje in de lucht te zitten. We hadden ook ons eigen wagen en met Lynn en Koenraad in de koffer ging dit fantastisch goed. Het is zo'n 25 minuten rijden vanuit Cairns naar Kuranda maar het enige probleem was dat er ontzettend veel haarspeldbochten op de weg lagen wat soms lastig is voor de personen die niet aan het stuur zitten.





    Onze lunch namen we met uitzicht op de Barron Water Falls. Vervolgens reden we naar Mareeba waar we een koffieplantage bezochten. Om 14h00 was er een gidsbeurt waar je tijdens de toer 30 verschillende koffies, 12 verschillende chocolades en 2 verschillende likeuren mocht proeven. Heerlijk!



    Gevolg bij het naar huis rijden...in die haarspeldbochten: maagpijn, hoofdpijn, ...het was net of we serieus in de drank hadden gezeten.



    Enfin het werd een rustige avond ...





    De dag erna hebben we een vrije dag genomen en wat rondgelopen in Cairns en gekeken voor ons vervoer in Nieuw Zeeland, hoe we ons daar het best zouden verplaatsen.





    Vrijdag...D-dag. Na 4 maanden niet werken gingen we eens goed onze handen uit de mouwen steken en als host/ess op een duikersboot werken.



    Onze eerste taak was de wc, alles terugplaatsen, dan de groentjes snijden, alles in potten steken en beetje hulp aan de gasten bieden. Rond 10h30 hadden we briefing en konden we ons voorbereiden om alleen in het grote water te springen. Met Steven als buddy en omgekeerd konden we het schone van het onderwaterleven samen bewonderen. We genoten enorm en dit voor onze eerste duik zonder instructor of 'anyone' bij ons. We waren fier als een gieter toen we na 40 minuten terug uit het water kwamen.





    Na onze duik aten we van het buffet en daarna bedienden we de mensen met eten. Daarna konden we beginnen met de afwas, bestek in serviettes draaien..en zo verliep de middag. Bij het aankomen op de Pier moesten we nog stofzuigen, de vuilnis wegdoen en wat aan de kant doen. Zo, onze eerst werkdag zat erop en we hadden nog niet te veel moeten werken vonden we. 's Avonds nog genoten van fris pintje (Victoria Bitter) want dit hadden we wel verdiend.





    Voila, het weekje Cairns zit erop. Het heeft gevlogen! Vandaag vertrekken we richting Townsville. Daar zou het normaal al wat frisser moeten zijn. Ondertussen zijn we de hitte al wat gewoon maar toch zou het ons deugd doen eens zonder zo warm te hebben tekunnen slapen in ons rondrijdend huisje.





    We zullen jullie laten en laten genieten van ons reisavontuur.





    Warme zonnige groetjes vanuit Cairns - Australia

    Inga en Steven

    Terug

    Van Sunshine Coast naar de Gold Coast ....
    Woensdag 24 januari 2007

    Jepsie allemaal,



    't Is alweer meer dan een weekje geleden dat we iets van ons hebben laten horen.



    Na onze avonturen in Cairns trokken we langs de oostkust meer naar beneden toe in de hoop wat frissere oorden op te zoeken. De warmte begint op den duur toch serieus door te wegen.



    We stopten onze eerste nacht 14/01/2007 in Mission Beach, gelegen op 245 km van Townsville. Daar genoten we op een afgelegen strandje van zonsondergang en aten we 's avonds in een klein lokaal stamkroegje het bekende Australische gerechtje ''Fish and Chips''. Mission Beach staat vooral gekend om een van de mooiste stranden van Queensland te bezitten. Er is echter op dit moment van het jaar wel een probleempje ... je kan er niet zwemmen want er zit ongeloofelijk veel 'jellyfish', of beter gezegd massa's kwallen. Overal stonden grote waarschuwingsborden niet in het water te gaan en in geval je toch in aanraking zou komen met die kwaltoestanden vond je om de 100 m een zelfhulpkoker gevuld met azijn om je lichaam mee te besprenkelen om zo de hevige pijn te verminderen. Wij hebben die avond dus wijselijk niet in het water gesprongen ...





    De volgende morgen na ons gebruikelijk half uurtje lopen op het strand vertrokken we richting Townsville. Hier hebben we gewoon wat in de straten rondgelopen. Het stadje was niet zo groot als we verwacht hadden en er was trouwens ook veel gesloten gezien het zondag was. In de namiddag zijn we dan nog doorgereden naar Airlie Beach om daar een slaapplaatsje te vinden voor onze auto. Airlie Beach is dus echt een idyllisch strandstadje en tevens ook de springplank voor zeiltrips naar de White Sundays Islands. Deze eilanden zijn vooral gekend om de witte stranden, het snorkelen en zijn enkel met zeilboten te bereiken. Toen we informeerden om te gaan zeilen, vielen we echter achterover van de prijs en hebben dan maar besloten om te genieten van Airlie Beach zelf waar we geparkeerd stonden. We liepen de volgende morgen langs een aangelegd wandelpad en toen heeft Inga haar droomhuis gezien. Wat het is ...... zie mischien binnen een jaar of ??





    In Airlie Beach genoten we echt van het nietsdoen. We genoten uitgebreid van ons ontbijt ('stuutjes' of croissantjes met Nutella want dat was veel te lang geleden). Eventjes ter zijde: wij verkiezen dus duidelijk Nutella boven de typisch Australische ''Vegimite''. Vele Australiers eten dus 's morgens (of op gelijk welk onmogelijk tijdstip van de dag) boterhammen of iets anders met ''vegimite''. Dit is een bruinkleurige pasta die smaakt en ruikt naar Oxo. Verschrikkelijk zout en voor ons althans echt niet lekker.





    Dinsdag 16/01 vertrokken we richting Bundaberg. We passeerden Mackay, reden de steenbokskeerkring voorbij en gingen verder richting Rockhampten en Gladstone waar we via Mission Vale aankwamen in Bundaberg. Deze stad is gesticht in 1860 als haven om hardhout naar Europa te brengen en natuurlijk niet te vergeten de werelbekende rum. De volgende morgen moesten we dus natuurlijk die rumdestillerie bezoeken en aanzagen dit als ons apero'tje. We mochten tal van soorten proeven .... Na al dat aperitieven hebben we onze lunch iets verderop genomen in Bagara Beach waar een heel aangename sfeer ging. Na wat te hebben 'gechilled', bezochten we in de namiddag nog de Bundaberg Ginger Brouwerij waar ze tal van biersoorten en frisdranken maken. Ook hier konden we proeven, en genoten we van alle alcoholvrije drankjes daar we nog een autoritje voor de boeg hadden en we geen onnodige risico's wilden nemen.



    We reden in de late namiddag door via Childers om vervolgens in Hervey Bay te overnachten. Hervey Bay is een rustig vissersdorpje vooral gekend om haar overzet naar Fraser Island, het grootste zandeiland ter wereld.



    Die avond maakte Inga nog pannekoekjes klaar op het strand met ons minigasvuurtje en genoten we van het ruisen van de zee.





    De volgende dag hadden we zin om te gaan ''markten'' en reden we naar het kleine dorpje Maryborgh. 't Was een leuk marktje wat ons deed denken aan Veurne markt ;-)



    Na onze lunch (Fried Bihun à la Inga) zetten we onze tocht verder via Gympie om rond 17h00 aan te komen in Noosa Heads. Noosa is zo'n beetje het Knokke van Australia met massa's dure winkeltjes. We hebben er ons eigenlijk echt wel geamuseerd door in onze sletsjes rond te slenteren tussen de chichi-madammekes en de stoere Versace macho's.



    Met ons Fordje stationwagen moesten we nog niet te veel onderdoen voor de dikke BMW's - Porches - Q8'tjes etc ...



    Na een paar dagen de 'chichi' uit gehangen te hebben, trokken we richting Eumundi waar we een nougatfabriek (met bijhorende tastings) bezochten en en tweede leuke marktje meegepikt hebben. We hebben op dat markje onze apero genomen en zelfs genoten van echte geitekaas met ''pain Français'' ... Niet te schatten lekker. Kort na de middag verlieten we Eumundi om onze wagen in een afgelegen parkje onder een boom te zitten en wat te genieten van een muziekje, boekje en de rust.



    Echter ..... toen we na een 2tal uurkes wilden vertrekken weigerde onze auto alle dienst. Platte batterij ..... miljaar daar stonden we dan .... weg van de drukke baan ... alleen... .



    Steven is dan naar de hoofdweg gewandeld en met zijn charmes de eerste auto die hij tegenkwam (vrouwke van jaar of 30) tot stilstand gebracht en met al zijn charmes dat madamke kunnen overhalen om terug naar haar huis te rijden om haar man met de startkabels mee te sturen. Na een half uurtje wachten kwam haar man met de startkabels en ... yeeha .... we konden onze rit verderzetten.





    Maandag 22 januari zijn we dan vertrokken richting Brisbane. Brisbane is de hoofdstad van Queensland en wordt ook wel eens de rivier city genoemd. Brisbane vonden we persoonlijk geen zo'n leuke stad in vergelijking met Perth en Adelaide. Toch hebben we hier anderhalve dag genoten van het stadsleven, de winkeltjes, de hoge wolkenkrabbers, de eettentjes, enz.





    Gisteren zijn we dan vertrokken uit deze wereldstad richting Gold Coast. De Gold Coast staat bekend om z'n meer dan 300 dagen zonneschijn per jaar dus dat zit hier zeker weer goed. Momenteel verblijven we in Surfers Paradise. Onze wagen staat geparkeerd op 5 m van het strand en 30 m van de Esplanade dus beter kunnen we niet zitten. Waarschijnlijk zullen we hier wel een klein weekje rondhangen en genieten van het 'beachlife' (strandleven). Wat we hier allemaal uitspoken vertellen we jullie zeker nog voor we hier vertrekken in een van de volgende mails.





    Take care en tot gauw,



    Steven en Inga

    Terug

    Leuk tussendoortje.
    Dinsdag 30 januari 2007


    Hello Mates..



    Dinsdag rond de middag waren we dus aangekomen aan de Gold Coast. Namelijk Surfers Paradise, het hart van de Gold Coast met zijn zonnig klimaat en eindeloze zandstranden. Een plaats die ook heel populair is bij de Australiers.





    Enfin wij dachten dus daar enkele dagen te verblijven om wat te genieten van het strand. s' Morgens liepen we een half uurtje tot uurtje op het strand en daarna zochten we de schaduw op. Eigelijk zijn we een beetje bang voor onze huid daar blijkt dat er hier geen ozonlaag is en het hier het centrum van de huidkanker is.





    We waren er fantastisch geparkeerd en hadden het geluk dat opeens een lieve dame een babbel kwam doen met ons. Ze had blijkbaar zelf al veel gereisd, maar werkte nu als dame die rondging met frisdranken, belegde broodjes, snoepgoed,...bij de bouwvakkers. En als je weet dat die stielmannen buildings zetten van 77 verdiepingen had ze dus veel klanten. Ze bracht ons een paar zakken ijs zodat onze frigobox terug fris was voor een nieuwe start. Uiteindelijk dachten we dan toch zaterdag te vertrekken ipv maandag doordat we alles zo´n beetje hadden gezien. Maar er kwam iets tussen...





    Vrijdag genoten we nog van de 'Australian Day'... Dit betekent dat alle Australiërs gek doen - by the way dat zijn sommigen van hen al - verkleed en al zingend op straat liepen, beschilderd in kleuren van de Australische vlag en met de vlaggetjes in de hand roepen en zingen. M.a.w. hoe gekker, hoe beter. Je kunt het zo´n beetje vergelijken met onze Nationale feestdag enkel dat het hier nogal uitbundiger gevierd wordt met bier en veel eten. Alhoewel dat veel eten en bier hier elke dag toepasselijk zijn vooral junkfood, ijsjes,...



    Die avond dachten we te genieten van een lekker kaasplankje met 'pain Français' maar helaas mocht het niet zijn. De winkels sloten vroeger en wij stonden voor een gesloten deur! Het was ons helemaal ontglipt. s' Avonds probeerden we Robby McEwen te bereiken. Doordat Steven vorig jaar nog bij het wielersportmilieu werkte en trouwens een heel goeie vertrouwensband had met Robby. Robby had ons trouwens eerder gezegd indien we passeerden langs de Gold Coast we hem een seintje moesten geven. Wij vonden het nogal raar zo onverwachts te bellen maar probeerden hem toch te contacteren. Met gevolg dat we op zondag 28 januari om 16h00 een afspraak hadden in de Surfclub met hem . We keken er al naar uit...




    Doordat onze Robby ertussen kwam hadden we nog een dagje over en zo konden we ons kaasplankje nog eens proberen...en deze keer geen 'fish en chips' eten!!



    Helaas we hadden weeral pech doordat we de andere kant van Surfers Paradise te voet hadden bewandeld waren we volledig de tijd uit het oog verloren met als gevolg dat die zaterdag de winkels ook vroeger sloten. Doordat we niet altijd weten welke dag we waren hadden we voor de 2de maal pech.



    Met een beetje geluk konden we nog Camembert vinden in de nachtwinkel.... beter dat dan niets. De 'pain Français' hadden we in de ochtend gekocht dus dat hadden we toch.





    Zondag reden we richting Robby´s huis en parkeerden niet ver van de Surfclub. Daar ontmoeten we Robby en hadden een leuke babbel. Opeens vroeg hij ons mee te komen naar zijn huis wat natuurlijk een leuke verrassing was om zijn vrouwtje en kindjes te ontmoeten. Opeens vroegen ze ons bij hen te overnachten...en namen we met alle plezier het aanbod aan.



    En we moeten toegeven het doet ons deugd na 2 maanden letterlijk en figuurlijk 's avonds de koffer in te duiken nu een zalig bedje te hebben, een zetel,... Een mooie verrassing! Vele leuke babbels gehad met de vrouw, ons wat beziggehouden met de 2 kleine kindjes ...Het doet raar zo weer in het normale gezinsleventje terecht te komen.



    Robby en Angelique zijn trouwens heel simpele mensen. Hijzelf als echte Australier leeft hier als een trotse Australier. De familie woont hier gedurende 3 maanden en daarna trekken ze terug naar Brakel want in februari start het wielerseizoen terug. Robby fietst dit seizoen voor Predictor - Lotto de ploeg waar Steven vorig jaar nog bij werkte.





    We genoten hier dus 2 dagen van hun gastvrijheid en de leuke babbels. We zullen dit nog lang in gedachten hebben!



    Na gisteren shoppen in Pacific Fair, een megashoppingcenter, een dorp op zijn eigen, verlaten we vandaag (dinsdag) de Gold Coast en trekken we verder richting Byron Bay.





    Voilà een vlug en leuk nieuwtje...We kunnen trouwens terug eens typen met een azerty, ipv qwertytoetsenbord dus het was weer eventjes wennen.





    In België heeft het ondertussen al gesneeuwd, hadden we vernomen ...daar zouden wij toch graag eens inliggen om wat afkoeling te vinden want de warmte is hier niet te snijden. Vandaag weer een goeie 36 graden.





    See you mates! Een gebruikelijke gezegde van Australiërs.





    Steven en Inga


    Terug

    Laatste etappe met ons rijdend huisje ...
    Zaterdag 10 february

    Na ons gelukzalig verblijf bij de familie McEwen trokken we dinsdag 30 januari richting Byron Bay.



    Deze badplaats staat bekend om de drugs, hippies en clochards ...Eerlijk gezegd zijn wedaar niet te lang gebleven. Nogal vuil, onveilig gevoel en een rare mentaliteit. We hebben er toch eventjes door de straatjes gewandeld en de zee gaan opsnuiven. Veel meer was daar nu ook niet echt te doen. Byron Bay staat ook bekend om het badplaatsje waar 'backpackers' (rugzaktoeristen) een tijdje blijven hangen als hun geld op is.





    In de late middag trokken we iets verderop naar Lenox Head. Het tegenovergestelde: nl. zeer rustig, mooie omgeving en gelegen aan een meer. Het water van het meer zag er maar vies bruin uit maar dit bleek door de theeplantages te zijn die rond het meer gelegen waren. Wij besloten niet te gaan zwemmen in het bruin sopje en genoten aan de rand van het meer met kaarslicht van onze avondmaaltijd. ' s Avonds hadden we een goed plaatsje gevonden op de parking van de dierenkliniek en verdwenen we onze koffer in voor een zalig nachtje slaap.



    Grappig maar de dag nadien hadden de gemeentewerkers een bord aan de rand van het meer gezet met ''danger'' !! Het baden in het meer zou dus heel slecht zijn voor de huid van zowel honden, dieren, enz ...





    De volgende dag, 31 januari, na het ontbijt, vertrokken we rond 11h via Ballina naar Evans Head. Daar aten we onze lunch en dan trokken we verder door naar Coffs Harbour. Dit lijkt een grote stad te zijn maar op zich viel er niet zoveel te beleven. We slenterden wat rond de haven en wandelden in de verkeersvrije straatjes.



    Coffs Harbour is omgeven door bananenplantages. We reden voorbij de beroemde Harbour Brigde en reden verder op de Pacific Highway die het commercieel centrum van de bananen coast is met zijn veel achterliggende regenwouden.



    Die avond kwamen we aan in Nambucca Heads en zochten we een slaapplaatsje. Nambucca Heads is redelijke rustig en heuvelachtig. Daar deden we onze inkopen en aten we, nadat we een flinke wandeling langs het water hadden gemaakt.



    Toen we de koffer dichtdeden werden we na enkele uren gewekt uit onze slaap door een security. Die blafte ons toe dat het verboden was te slapen in je wagen en blablabla ... Wij van den dommen gebaard en er vanaf gekomen zonder boete ("Sorry, I no speak good English" ;-) ... maar uiteindelijk toch midden in de nacht onze volledig boel mogen verhuizen en een kamping moeten binnen rijden.





    De volgende morgen verlieten we rond een uur of 10 Nambucca Heads en reden we richting Kemsey waar we die middag spaghetti aten. Van daaruit vertrokken we dan naar Port Macauarie. Daar bezochten we een koala hospitaal. Dit was het enige Australische diertje dat we nog niet echt van dichtbij hadden gezien.



    In dit hospitaal hebben ze plaats om tot 200 koala's op te vangen die gewond zijn door aanrijdingen in het verkeer, ziektes, bosbranden, ... Het hospitaal is verbonden met de universiteit van Sydney en is 7 op 7 en 24 op 24 bereikbaar. Er werken enkel vrijwilligers in het hospitaal, die volledig afhankelijk is van donaties en steun van buitenaf. De vrijwilligers beschouwen de koala's als hun eigen kinderen en behandelen ze dan ook met veel liefde.



    De koala's worden gevoed met melkpoeder zoals baby'tjes drinken) met een spuitje in de mond. Het was een heel leuke en leerrijke ervaring met die mensen in contact te komen, zo leerden we ook dat niet iedereen een wilde koala zomaar kan vasthouden...Men moet eerst de 'bodylangues' lezen voor het beestje op te tillen want door hun scherpe klauwen kunnen ze mens en dier erg pijn doen. De grootste vijand van de koala is de hond en de mens. Doordat de diertjes veel slapen zit er weinig fut in ... maar pas op als ze gestoord worden en hun klauwen gebruiken. De beste wijze om zo'n diertje te redden in een noodsituatie is door een deken over hen te gooien zodat ze minder geneigd zijn hun klauwen te gebruiken.





    Voor ons hospitaalbezoek hebben we ook nog een Rotohuis bezocht. Dit is een typisch Australisch huis van vroeger. In de vooravond nog eventjes in shoppingcenter gewandeld en daar sushi als apero gegeten.



    Daarna trokken we richting camping want we vonden geen veilige slaapplaats en we hadden eventjes genoeg van het vrijkamperen na ons vorig nachtje.





    Vrijdag vertrokken we dan naar New Castle. Een stad zoals een ander met redelijk veel industrie. We wandelden in de stad en na de middag trokken we naar de zee nl. Stockton. Daar maakten we nog een strandwandeling en genoten van het frisse briesje van de zee. Het is eindelijk een beetje frisser aan het worden. Kun je geloven hoe blij we waren, je houdt het niet voor mogelijk!





    Zaterdag reden we naar Gosford en dit was onze laatste stopplaats vooraleer we in Sydney zijn. Gosford ligt een 100 tal km verwijderd van deze wereldstad. Via een van onze beste vrienden kregen we een adres van een Australisch koppel in Gosford. Toen we aanklopten met onze chocoladecake en 6-pack vb'kes werden we met open armen ontvangen.



    De koffietafel werd meteen gedekt en we begonnen aan een babbelmarathon. Echt zalig!



    Even later arriveerden de 2 zonen van de familie op hun zware Ducati's. De avond ronden we af met een duik in het zwembad en een lekkere maaltijd.





    De volgende morgen bleven we lang aan de ontbijttafel babbelen waarna David ons opeens uitnodigde om ons mee te nemen in z'n wagen en wat van de streek te gaan verkennen. De dame bleef thuis en wij met z'n 3 in de blauwe Peugeot waar David apetrots op is. We reden langs Kincumber, Mac Masters, Capacabane, Little Beach en Killcare. Om 15h kwamen we thuis en aten lunch en babbelden we over de goeie ouwe tijd. Het echtpaar genoot er merkbaar van ons hun verhalen van vroeger te kunnen meegeven. Diezelfde dag mochten we 's avonds gaan eten bij een van de zonen. De vrouw had ons een schitterend gerecht voorgeschoteld, heel simpel maar heel lekker, met als dessert ijs met appeltaart.





    Op maandag 5 februari vertrokken we richting Blue Mountains met de bekende 3 Sisters rotsformatie en de prachtige natuur. Dit park heeft een oppervlakte van 218 000 hectare, behoort tot het werelderfgoed en is bekend om de eeuwig aanwezige blauwe waas die afkomstig is van de olie die verdamp uit de eucalyptusbomen. Onze eerste stop in de Blue Mountains was in Wentworth waar we onze lunch namen en daarna de 'lookout' over de Blue Mountains bewonderden. Verder maakten we er nog een korte wandeling waar we ook een minuscuul watervalletje zagen, niets in vergelijking met de Victoria Falls in Afrika die we vorig jaar hadden bezocht.



    Verder reden we naar Katoomba en dit is de hoofdplaats van de Blue Mountains waar tal van winkeltjes aanwezig zijn.



    Wij reden richting Echo Point en dit is DE plaats waar je de 3 Sisters kan bewonderen en eveneens het beste zicht hebt over de Blue Mountains.



    De Blue Mountains is een enorm uitgestrekt gebied met Gorges, Gums en Cliffs. Je kan er prachtige wandelingen maken maar omwille van de vele 'bushbranden' raden vele mensen ons dit af.



    Na 18u reden we verder naar Blackhead waar we zouden overnachten. We hebben er onze wagen voor een stuk al gekuisd en afscheid genomen van aantal bruikbare goederen die we tijdens onze reis door Australia hadden verzameld.





    De volgende dag was het nogal mistig dus we hadden een goede dag uitgekozen voor het bezoek aan de Blue Mountians. Hier namen we tevens ook zo'n beetje afscheid van onze V8- Stationwagon want dit was onze laatste nacht in ons rijdend huisje geweest. Het zal raar doen terug in een kamer te slapen. Ondanks het feit dat we vaak gevloekt hebben om hoe warm het soms was om in de koffer van die bak te slapen, hebben we toch enorm genoten van de toffe, zalige momenten en het reizen door het immense land Australia. Dit was trouwens een droom voor ons beiden om Australia op deze manier te bereizen. ''We did it the hard and rough way '' hebben vele Australiers ons onderweg gezegd maar het was inderdaad de beste manier om alles goed tot je te laten doordringen ... Het was een harde weg vooral het vele zoeken om slaapplaasten te vinden zonder betrapt te worden en ook het lange rijden is niet te onderschatten.







    Na de middag op 6 februari arriveerden we dus in de wereldstad Sydney.... Nu gaan we lunchen want ons maagje knort een beetje. By the way over knorren gesproken het is Chinees Nieuwjaar en dit jaar is het het jaar van het varken dus .



    ...... we zien hier overal zwijntjes in alle mogelijke formaten.





    Alee, tot straks en smakelijk he.



    Steven en Inga

    Terug

    Onze laatste dagen in Sydney!
    Zaterdag 10 february 2007

    Zoals jullie weten zitten we nog in Sydney tot morgen. We hebben hier 5 nachten kunnen overnachten en met veel geluk iets gevonden om te slapen.



    Bij aankomst waren de vele 'backpackershotels' volboekt met als gevolg als je dan op hotel moet, dan zit je ofwel ver van de stad of betaal je een bedrag om achterover van te vallen. We hadden geluk: Steven kon met zijn charmes uitpakken en een redelijke prijs krijgen voor een 2 persoonskamer. Niet veel speciaals, je kan het zo'n beetje vergelijken met een studentenkot, voor de mensen die ooit op kot zaten: een gemeenschappelijke keuken, wc, badkamer,...Het was een verzorgd onderhouden 'backpackershotel', want om het uur werden de wc's gekuisd.



    Nog een probleem: met een auto in zo'n wereldstad ben je niets. Het beste leek ons om de auto 4 dagen vroeger terug te brengen. Alles was proper dus we konden hem zo goed als afleveren. De weg vinden in de randsteden valt heel goed mee dus werd de auto vlug afgeleverd en namen wij vanuit Kingsgrove de bus terug naar ons "appartementje".



    Na een korte verkenning merkten we dat alles dicht bij de hand lag en hadden we dus een goed stekje om de komende 5 dagen deze imense stad te verkennen.





    Het deed ons deugd terug wakker te komen in een bed vrij van anderen. Terwijl we ontbijt aten maakten we ons lunchpakket en vertrokken we daarna de stad in. Via de Pitt Street liepen we naar de Harbour Bridge. Sydney's Harbour is een van de grootste havens ter wereld en heeft een complexe structuur van inhammen, zijrivieren, baaien en kapen. Boten in alle soorten en maten zwermen uit over Sydney Harbour.
    Daarbij heb je ook Circular Quay waar de boten aanmeren om je op daguitstap te nemen. Er lag zelfs een cruiseschip die zaterdag vertrok naar de Pacific eilanden.



    We namen onze lunch in de mooie tuinen rondom de haven met zicht op de Harbour Bridge en Opera House. Je kunt trouwens de eerste pylon van de Harbour Brigde beklimmen. Je krijgt een speciaal pak aan en wordt vastgeklikt aan een rail en loopt onder begeleiding van een gids langzaam naar boven. Maar door het schandalig astronomische bedrag lieten wij het over aan anderen.



    We bezochten ook 'The Rocks' die gelegen zijn aan de voet van de Harbour Brigde. Dit is trouwens de plaats waar de 1ste Europeanen zich vestigden. Vroeger een gevaarlijke plek waar dronken zeemannen, walvisvaarders, criminelen, prostituees en straatbendes elkaar ontmoeten. Nu is het een trendy plaats met kleine nauwe pittoreske en mooie kolonale architectuur, theehuizen, restaurants en souvenierswinkels in een subliem uitzicht.



    Doordat we 5 nachten hadden geboekt mochten we 10 consumpties gratis in Syndey verbruiken. Daar maakten we in The Rocks gebruik van. Maar dat pintje in de middag zat toch wel in Inga haar benen. Wat wil je, we zijn niet meer gewoon van drinken en dan nog in de middag alcohol.



    Verder bezochten we ook de Botanische tuinen met een grote collectie plantensoorten uit het Zuid Pacifische gebied. We begonnen aan een mooie wandeling in het domein maar die werd jammergenoeg verstoord door een korte regenbui.



    Vandaaruit wandelden we "huiswaarts" en lazen nog wat in ons hotel.





    De volgende dag trokken we rond de middag naar Bondi Beach om een wandeling langs de kliffen te maken. Op de bus zaten tal van verschillende soorten mensen van surfers met hun board tot hoertjes die net uit hun nachtwerk kwamen.



    Het meest bekende strand van Australia is wel Bondi Beach, dat ten zuiden van het centrum ligt. We passeerden Kings Cross in de wijk waar veel restaurants, bars, nachtclubs en natuurlijk de hoertjes werken. Overdag is dit een leuke buurt maar wanneer de zon ondergaat wordt de stadsbuurt volledig omgetoverd in een gevaarlijk nachtbuurt. Wij passeerden er met de bus en lieten dit achterwege.



    In Bondi Beach namen we eerst ons gratis apero om dan later onze lunch te nemen en de wandeling in te zetten. Via verschillende kleine strandjes, een kerkhof, trap af en op kwamen we in Congee Beach. Daar dronken we iets en gingen dan naar ons "huisje".



    Daarna maakten we ons mooi om ons eens te laten gaan in het Sydney nachtleven. Elke donderdag is er in de Cargo bar, gelegen aan de Darling Harbour, een Gin Tonic avond. Dit is de enige plaats waar iets te doen valt op donderdag. Een leuke "tent" met lounge muziek, mooie interieur,...

    Bij de Darling Harbour hadden we een prachtig uitzicht op de Brisbane River, Aquarium en natuurlijk zonsondergang.





    Na elk 5 Gin Tonics besloten we nog een slaapmutsje te drinken en gingen we verder naar nog 2 andere bars, Scubar en Sidebar. Daarna doken we ons bedje in en nu eens niet letterlijk en figuurlijk de koffer in.





    Op vrijdag flaneerden we in het winkelcentrum van Paddy's waar massaal veel winkeltjes zijn. Het onderste gedeelte bestond uit allemaal Aziaten die een winkeltje hadden en op de overige verdiepingen vonden we nog een Foodcourt, Outletshops etc.



    Deze avond organiseerde de hostel (herberg) een wijn - en kaasavond, niet veel speciaals maar leuk meegenomen.





    Vandaag , zaterdag 10 februari 2007 en onze laatste dag in Australia. 



    Alhoewel we vroeg wakker werden gemaakt door een paar dronkaards die later thuiskwamen en de wijn en kaasavond tot in de vroege uurtjes op cafe hadden verdergezet, voelen we ons toch fit.



    In de middag bezochten we nog eens de Opera House maar nu van dichtbij en van langs de andere kant. De daken van dit gebouw zijn wel ferm, het valt te vergelijken met opbollende zeilen, schelpen of nonnenkappen. Het symboliseert de liefde van de bewoners van de stad voor de zeilsport. Het beroemde complex herbergt niet alleen de opera maar ook een concertzaal, een schouwburg met 2 zalen, restaurants, bars,...



    Het biedt trouwens een fraai uitzicht op de drukte in de nabije haven die de stad in het noordelijke en zuidelijke helft verdeeld.



    Doordat het gebouw de liefde symboliseert gaven we elkaar nog een kus op de trappen van de Opera House als goed einde op onze rit door Australia.





    Zo ons trip door Australie zit er op. Straks maken we onze rugzakken klaar en vertrekken we morgen richting Nieuw Caledonie.





    Vele groetjes thuis en tot mails,



    Steven en Inga

    Terug

    Australië in cijfers... een paar typische gewoontes
    Woensdag 21 februari

    't Is een beetje later dan verwacht, maar gezien de prijzen voor het internet in Nieuw Caledonie onbetaalbaar zijn, hebben we het wat uitgesteld ... maar zoals beloofd: uitstel is geen afstel !!



    Paar cijfergegevens over onze rondreis in Australia.



    Aantal km afgelegd in Australië met ons autootje : 13.570 km

    Aantal alcoholcontroles : 2

    Aantal geziene slangen : 2

    Aantal verkeersboetes : 0

    Gemiddeld verbruik wagen : 9,8 l/100km

    Aantal uurkes gereden : 97u

    Aantal keer gewekt door politie : 1

    Aantal dagen wild gekampeerd : 62 dagen

    Aantal keer de woorden "no worries" gehoord : 7.834.962 keer

    Aantal stinkende 'Abbies' op onze weg : 325

    Aantal fris gewassen 'Abbies' ontmoet : 1

    Aantal liter Unleaded Fuel verbruikt : 1260 liter

    Aantal keer de CD ''Best of U2'' beluisterd : 53 keer

    Aantal platte banden : 1

    Aantal geziene ongevallen op de baan : 9

    Aantal kapotte banden verspreid over het wegdek : 100den

    Aantal keer voorruit gewassen ( Inga ) : 57 keer



    Typisch Australisch :

    - iedereen spreekt je hier aan met "How are you mate" - vrienden genoeg dus

    - Australiers zijn enorm extravert m.a.w. ze spreken tegen iedereen

    - In ieder dorpje vind je wel een McDonalds, Hungry Jacks of andere fastfoodtoestanden

    - Australie is dus geen paradijs voor het wild kamperen. Overal staan er borden dat het verboden is en 'rangers' doen enorm controle. Het was dus aan ons die controleurs te slim af te zijn ...

    - Wij drinken pintjes voor de gezelligheid - Ozzies drinken om zat te worden!

    - Tatoe Bertje zou hier gouden dagen hebben want Australiers zijn enorm verzot op alle mogelijke tatoeages.

    - Vele Australiers zijn enorme sportfreaks en dus superathletisch of juist het tegenovergestelde en super dik en lui. Normale types zijn zeker aan de Oostkust een uitzondering

    - Australiers houden van stoere wagens - alle wagens zijn bijna op benzine en met je V6'je ben je hier maar een gewone smurf.

    - Veel verborgen druggebruik (overal zie je gele kistjes om gebruikte injectienaalden in te deponeren, echt overal)

    - Uit 1 aardappel halen ze hier 4 frieten m.a.w. megadikke ondoorbakken frieten krijg je voorgeschoteld.

    - Opel bestaat hier niet maar alle wagens en modellen van dit merk krijgen hier de naam Holden.

    - Iedere deelstaat van Australie heeft z'n eigen nummerplaat. Vb: Queensland krijgt de nummerplaat van ''sunshine state'', New South Wales is ''the first state'' , Victoria noemt men ''Heart of Nation'' enz.


    Terug

    Nieuw Caledonie: rust en sport in de kijker!
    Woensdag 21 februari 2007

    Bonjour tout le monde,



    Na 10 dagen niets meer van ons gehoord te hebben zijn we hier terug met een samenvatting van onze activiteiten op het eiland Nieuw Caledonie.



    Nieuw Caledonie is zo'n beetje te vergelijken met Frankrijk in het klein. De huizen en straten stralen de Franse koloniale stijl uit. De parken zijn gevuld met de lokale bevolking namelijk: dikke vrouwen in hun ''slaapkleed'' en mannen met alle soorten 'rastas'. Allemaal Bob Marleys.



    Nieuw Caledonie is het 3de eiland van de Pacific na Papae Nieuw Guinea en Nieuw Zeeland. Op een afstand van 17.674km van Parijs. Het land zelf is omgeven door koraal van 1600 km lang met een rijkdom aan groen. Daarbij heeft ze nog tal van eilandjes zoals Ile de Pins, Loyaute,.. Het eiland is maar 400km lang en 80km breed. En het leuke eraan, er wordt Frans gesproken daar dit de officiele taal is. Het klimaat is er zeer aangenaam.





    Toen we zondag 11 februari onze eerst voet op de rode aarde zetten, voelden we meteen de relaxte sfeer die hier hing. Na een korte wandeling van de luchthaven naar de bushalte namen we de lokale bus richting Noumea, de hoofdstad van Nieuw Caledonie.



    We waren van plan ons de komende 10 dagen wat rust te gunnen, om te batterijen terug op te laden. We hadden zodoende via mail een reservering gemaakt in de jeugdherberg. Deze ligt bijna op het hoogste punt van Noumea met een prachtig uitzicht over de haven en de stad.



    Aangekomen in de jeugdherberg leek er helemaal geen reservatie te bestaan op onze naam. Na wat overtuigingskracht hebben we toch een kamer toegewezen gekregen en deze bleek de mooiste van de ganse jeugdherberg: groot terras, grote kamer en prachtig uitzicht.



    Ons besluit stond vast: dit wordt onze nieuwe thuis voor de komende 10 dagen.



    De volgende morgen zijn we op verkenning gegaan in het stadje en in de avond hebben we heel toevallig een lokaal optreden meegepikt van de Kanakse bevolking die een showtje gaf om een cruiseschip, die in de haven lag aangemeerd, uit te wuiven.



    In een van de brochure's die we toevallig meegenomen hadden uit de luchthaven stond een bon voor de opening van een nieuw fitnesscentrum in de hoofdstad. Bij het tonen van de bon kon je 1 maand gratis abonnement ontvangen.



    Wij dus dinsdagavond naar het fitnesscentrum en met verleidingtruckjes van Steven bij de vrouwtjes, konden we voor 2 personen voor 2 weken all-in sporten.



    Na 6 maanden geen fiets meer aangeraakt te hebben, of toch althans geen mountainbike in Stevens geval, zijn we er meteen ingevlogen. 



    De komende dagen stond "sport en rust" dus centraal in ons programma. Als echte profs gingen we 's morgens ons een 2-tal uur afpeigeren door te lopen, spinnen, bodypumpen, ...



    om dan na een gezonde lunch even in de zon te luieren met een goed boek of zalige I-Pod muziek.



    De paar kilootjes die Inga gewonnen heeft gedurende onze trip zijn als sneeuw voor de zon weggesmolten.





    Tussen al dat sporten door hebben we vrijdag nog een bezoekje gebracht aan het Cultureel Centrum Tjihabou, die een weerspiegeling geeft van de Kanakse cultuur. Op de terugweg vond de vrouwelijke chauffeur het blijkbaar leuk om tijdens de rit haar route te veranderen, ipv terug naar Noumea centrum te rijden werd haar eindbestemming plots een krottenwijk een 10-tal kilometer uit Noumea. Daar we de enige 'toeries' waren op de bus stonden we daar mooi te schilderen. Ze gooiden ons van de bus en we moesten maar onze plan trekken.



    Ja, bij velen zou dit lukken maar bij ons dus niet! Alhoewel ze meer woog dan wij 2 samen bleven we bij ons standpunt namelijk we hebben betaald voor onze busrit naar het centrum en we zullen er ook geraken!



    Uiteindelijk ging ze ons toch terugrijden maar met voorwaarde een nieuw ticket te kopen. Daar ze zich aan haar tijdsschema moest houden werd ze ongeduldig en begon ze te dreigen met boetes en controleurs. Tja, 2 mogelijkheden was onze visie, of ze neemt ons terug mee zonder nieuw ticket te kopen of haar reisschema loopt mega achterstand op daar wij haar niet lieten vertrekken. Guess who won the battle?



    Na haar nog eens schuin bekeken te hebben kwamen we toch een uurtje later op onze bestemming.





    Zaterdag zijn we ook nog eens gaan rondneuzen op de wekelijkse markt. Best gezellig en leuk om er vanalles soorten lokale 'goods' te zien.



    Onze avond genoten we van een scrabble, ping pong en kletsen.





    Voila...we zijn volledig uitgerust en klaar om te vertrekken en te starten met ons 2de deel. Vandaag woensdag 21 februari aangekomen op Sydney (terug) en morgenvroeg staan we opnieuw op de luchthaven van Sydney om dan de vlucht naar Christchurch te nemen (Nieuw Zeeland).





    Alle tot in Kiwiland and take care!





    Inga en Steven




    Terug

    Nieuw Zeeland: rechtstreeks de gevangenis binnen!
    Donderdag 1 maart 2007

    Donderdag 23/02/07 namen we dus onze vlucht richting Nieuw Zeeland. Na een vlucht van ongeveer 3 h kwamen we vol verwachtingen aan in Christchurch. Nadat we al onze bagage hebben laten checken (nog grondiger dan in Australia), passeerden we de infodesk op de luchthaven. Daar bleek alle accomodatie in de stad volboekt te zijn. De dames aan de balie wilden sluiten en waren dus alles behalve behulpzaam. Daar stonden we als kippen zonder kop met onze bagage! Uiteindelijk hebben we zelf de telefoon genomen, maar alles bleek inderdaad volboekt te zijn tenzij je meer dan 100 euro voor een nachtje wil spenderen. Ten einde raad belden we naar de gevangenis in Christchurch en geloof het of niet... ze hadden nog 1 cel vrij! Wij dus naar de gevangenis en dat viel dus echt reuze mee. Na wat papierwerk ingevuld te hebben kregen we onze cel toegewezen van 3m op 2 meter. Onze bagage gooiden we op het stapelbed en we installeerden ons in de hoek van onze cel en toosten (met flesje wijn van het vliegtuig) op onze eerste nacht in de bak!



    Ahja, klein detail, die gevangenis is ondertussen prive-eigendom geworden en de eigenaars hebben het geheel opgeknapt maar het karakter en de cellen zijn nog orgineel. Het was echt een unieke ervaring die celdeur van meer dan 30 kg te openen en je minieme ruimte in te nemen. De laatste gevangene (lid van de Hells Angels) had er gezeten tot eind november 1999. De muren waren nog beschilderd met zijn originele tekeningen.





    De volgende morgen stond een verkenning van de stad op ons programma. Toen we door de tralies naar buiten keken bleek het te regenen, maar dit kon onze pret niet bederven. Met onze dagrugzak en lunchpakket trokken we al zingend door de regen. We liepen richting Cathedral Square, Cathedral Junction, Victoria Park, leuke typische Engelse winkeltjes en we sloten de dag af met een bezoek aan de Botanische tuinen. Toen we die avond in de gevangeniskeuken aan tafel zaten, ontmoeten we 2 toffe reizigers (Chilleen en Oostenrijker) waar lange tijd mee aan de praat raakten. Toen Inga het wokgerechtje dat ze in elkaar gestoken had wou serveren ging het brandalarm af. We maakten nog een grapje over het feit dat de branddetectoren waarschijnlijk reageren op de heerlijke geur van ons dampend gerecht. Echter, het bleek wel degelijk serieus te zijn want binnen de 2 minuten was de brandweer op post en moest iedereen buiten wachten. Was het nu iemand die gerookt had in zijn cel of kortsluiting ... we weten het nog altijd niet. Na een uurtje konden we ons koud gerecht opwarmen in de microgolfoven. Alhoewel het probleem niet echt opgelost was want er ging nog altijd een signaal af maar helaas vonden ze de reden niet.





    Zaterdagmorgen 24 februari stonden we s' morgens om 7h00 al te blinken op Cathedral Square waar de 'Kiwibus' ons zou oppikken om het avontuur door NZ te ontdekken. Daar we genoeg hadden van zelf te rijden (na Australia), hebben we een hop-on, hop-offbus geboekt. Dit betekent dat een bus ons oppikt waar we willen en op gelijk welk moment kunnen stoppen om ergens te verblijven, te wandelen, fietsen,... De volgende bus die voorbij rijdt, pikt je dan terug op en je kan je route terug verderzetten. Lekker gemakkelijk en voor ons echt een luxe!





    Onze eerste busrit bracht ons naar Kaikoura. Dit dorpje staat bekend voor het zwemmen met dolfijnen en zeehonden. Je kan er ook boottrips maken en hopen dat je een walvis ontmoet. De meesten van onze medereizigers boekten al gauw een van de activiteiten bij de chauffeur en mocht direct diep in de geldbeugel tasten. Daar we niet aan dat massagedoe zijn, trokken we onze wandelschoenen aan en begonnen we een 4h wandeltocht langs en op de kliffen. We zagen onderweg een zeehondenkolonie en schapenscheerder. Schapen genoeg in NZ, volgens de boeken zijn er meer dan 65 000 duizend die hier rondlopen.





    Toen we terug aankwamen in onze hostel kregen we een kamer toegewezen in de woning van de eigenaar dat voor ons zeker niet tegenviel want we hadden onze eigen badkamer. Diezelfde avond bleven we lang in de living van het andere huis babbelen met een oudere koppel uit NZ en een amerikaanse die NZ per fiets verkende...





    De dag erna sprongen we met pak en zak terug op de bus met eindebestemming Nelson. Dit is de plaats waar de Lord of The Rings de gouden ring heeft laten maken en waar we dan ook 2 nachten verbleven.



    Daar aangekomen, vertelde de chauffeur ons dat er maar 1 dubbele kamer meer beschikbaar was in de hostel. Het leven is voor de rappe en we wisselden een korte blik uit met elkaar en wisten wat ons te doen stond. Na 6 maanden 24h op 24h samen te zijn kennen we elkaar door en door. Steven jumpte van de bus terwijl Inga zich bekommerde om de bagage. De kamer bleek een flatje te zijn met leuk binnentuintje en dit allemaal voor ons alleen. Terwijl andere daar met 7 tot 10 personen op een klein kamertje zaten genoten wij van de ruimte en de luxe. Eigelijk wel wat sadistisch he...Om 18h was er nog een biertasting en nadien installeerden we ons en genoten van de gezellige avond in een zetel voor de televisie met een goed filmpje erbij.





    Na het ontbijt moesten we ons gezellig stekje verlaten om voor 1 nacht in een 'dorm' te slapen. Doordat de reservatie soms dagen op voorhand worden geboekt hadden we voor 1 nachtje de pech om in een 'dorm' te moeten slapen met 9 andere gastjes.



    Enfin rond de middag gingen we op zoek naar mountainbikes om een track te doen in Matai Valley. Na wat zoekwerk vonden we er 2 en reden we op een prachtige singletrack in de Nelson omgeving. We genoten er echt met volle teugen van en zeker na lange tijd niet meer fietsen en dit vooral voor Steven. Onderweg stopten we voor een picknick waar we ons hadden op voorzien. Een prachtig uitzicht op de bergen, rivieren, de rust en stilte om enkel het geluid van de vogels te horen. Maar na een goeie 3 h fietsen was het sprookje voorbij...De pedaal van Stevens MTB werd afgebroken door de hevige kracht die Steven gaf. Daar stonden we dan in 'the middle of nowher' met een slappe lach. Maar we genoten van het avontuur en staken de handen uit de mouwen en zochten naar een oplossing. Zadel verlagen zodat Inga de fiets kon nemen en Steven trekken of duwen om vooruit te gaan, in looppas verdergaan, als een 'trontinette' verdergaan,.. Voor Inga was de fiets te groot en enige oplossing was dat Steven aan Inga's broek ging en af en toe zelf met 1 pedaal verderfietste.



    We hadden het gehaald want de fiets moest voor 18 h binnen zijn..en met wat geluk hebben ze beide fietsen terug betaald. Alhoewel we het probleem hadden ...we hadden ons super geamusseerd!!

    Dinsdag hebben we de bus genomen richting Westport, gelegen aan de Westkant van het zuidereiland. Onderweg een tussenstop gemaakt in Nelson Lakes National Park om dan daar ook onze lunch te nuttigen. Een zicht op een prachtig gletsjesmeer waar we ook een mooie wandeling maakten. Hier maakten we dan meteen ook kennis met de Sandyfly. Dit zijn kleine vliegjes die je ongelooflijk graag bijten en daarbij nog eens je bloed uit je lichaam zuigen. Echt niet leuk want nadien kan je verschrikkelijk veel jeuk hebben. Enige remedie is lange mouwen of broeken dragen.



    In Westport maakten we 's avonds een uitstap naar de zee waar we dan met z'n allen een groot kampvuur maakten. Daar kon je kennis maken met de bende en verhalen uitwisselen.





    Maandag 28 februari (geen schrikkeljaar anders hadden we nog een dagje langer in februari) trokken we naar beneden toe en stopten oa in Cape Foulwind. Daar maakten we een prachtige wandeling langs de kliffen waar we op het einde 1 van de grootste zeehondenkolonie zagen. Een schitterend zicht! Niet alleen de zeehonden fascineerden ons maar ook de zee met zijn verschillende rotsstukjes in de zee. Een stukje ongerepte natuur .. het bestaat nog.



    Ietsje verderop lag Punakaiki waar wij dan uiteindelijk 2 nachten verblijven. De chauffeur dropte ons aan het infocentrum en terwijl we wachten op de host om ons op te pikken namen wij onze lunch en lazen wat.



    We slapen in een jeugdherberg gelegen in de bossen en op wandelafstand van het strand. Een huthuis zou je kunnen zeggen die zeer rustig gelegen is. Niemand of iets te zien behalve die lastige Sandyfly. Het hutje deelden we met 2 Duitse meisjes, een zweedse, een NZ koppel en een Scot.





    Vandaag na de mail en lunch trekken we onze wandelschoenen aan en trekken we de wilde natuur in...want het blijft ons fascineren.

    Wij genieten met volle teugen van dit prachtige land. Morgen zetten we koers richting Franz Jozef om dan nog meer zuiderwaarts te rijden naar Queenstown binnen een weekje.







    Terug

    Afscheid van het zuidereiland ...
    Vrijdag 16 maart 2007

    Hey lieve mensen,



    Eerst en vooral willen we de mensen bedanken die ons telkens die mooie mailtjes sturen. We moeten eerlijk toegeven dat ik (Inga) af en toe een traantje wegpink als ik al die lieve mailtjes lezen. Het is echt leuk het nieuws te horen, ook al gaat het bij jullie z'n normale gangetje.



    Enfin, na al het lezen hebben we onze hersenen gepijnigd om eventjes neer te pennen naar waar onze tijd de voorbije week voorbijgevlogen is. 



    Vanuit Queenstown (vrijdag 09/03) reden we naar Dunedin. Vanaf hier begon de verkenning van de 'Bottom' van Nieuw Zeeland namelijk het uiterste zuidelijke puntje. Na dit stukje wereld is er niets meer dan water en water en Antartica.



    Via Clyde, waar een mega dam is die meer dan 33.229.712 liter water ophoudt, kwamen we aan in Dunedin.



    Dunedin staat bekend voor de rugby en natuurlijk ook als studentenstad. De eerste universiteit van Nieuw Zeeland is hier gebouwd nl. de universiteit van Otago en die is nog steeds in gebruik. Het weer was prachtig en het duurde dus niet lang of we gingen met ons tweetjes op verkenning in de stad. We liepen voorbij de stijlste straat van de wereld namelijk Baldwin Street met een hellingsgraad van 43 graden. Net een skipiste waar je met de skilatlen zou kunnen afdalen, niet te doen ...maar wij hielden het enkel bij een kiekje ipv het te bewandelen of moeten we zeggen beklimmen?



    We hadden trouwens ook het geluk een rugby wedstrijdje mee te pikken in Dunedin. Er wordt 1 of 2 maal in de maand gespeeld en toevallig was er een topgame op de dag dat wij er waren. Dus dachten wij: "waarom niet, geen Nieuw Zeeland zonder Rugby he". Een vlugge hap en hup naar het sportcafe om op te warmen. En wat versta je onder opwarmen: om 16h00 in de middag pintje drinken met vettige hotdogs. We kregen ook een hele uitrusting van de Higlanders (topploeg in NZ) nl. t-shirt, wapenschild, gadgets,...en natuurlijk konden we ons laten sminken. Alhoewel wij geen echte voetbal - of rugbyfanaten zijn, genoten we toch van de sfeer tijdens en voor de match.



    Je had ons moeten horen roepen "Highlanders...Highlanders !!!"



    Dat we eigenlijk geen bal verstonden van de match en hoe het spel in elkaar zat, maakte dit geheel nog leuker.



    Na de match hielden we het bij slapen want de dag erna moesten we er terug vroeg uit....



    Het weekend brengen we door in The Catlins, het meest zuidelijke punt van Nieuw Zeeland. Bekend om het stukje ongerepte natuur, pinguins, zeehonden, dolfijnen,... Daar stopten we in Kaka Point en vervolgens in Nugget Point waar we een kleine wandeling maakten naar de 'lighthouse' (vuurtoren). Een prachtig panoramisch zicht over de oceaan en nog slechts 4800 km verwijderd van Antartica...het was genieten van de koude ijzige wind..



    Om van dichtbij de zeeleeuwen te zien die op het strand lagen te zonnen, gingen we naar Owaka. Pas op van die 'lieve beestjes'! Ze zien er tam en lui uit maar ze kunnen wel tot 3x harder bijten dan een hond en wegen tot soms meer dan 400 kg. Hoe lomp of stoer ze er ook kunnen uitzien, ze lopen 30km/h.





    Vandaaruit reden we verder naar Curio Bay waar bijna niets is of moeten we zeggen helemaal niets is. Daar verbleven we 2 dagen om te rusten, wat te lezen, dagboek bijvullen en natuurlijk het 18 milj. jaar oude Fossil Forrest te bezichtigen. Dit is de grootste en oudste fossiel erfgoed ter wereld en met een beetje geluk kon je er de yellow - eyed Pinguins zien, als de beestjes natuurlijk zin hadden om je te zien.



    Vroeger was dit versteende woud dus een oerwoud of bos maar door 1 of andere Tsunami is alles weggespoeld. Vanop het strand konden we ook de dolfijntjes bekijken die af en toe eens hun hoofdje lieten zien..





    Na 2 dagen rust trokken we verder naar de 5de grootste stad van Nieuw Zeeland namelijk Invercargill. Een beetje de Schotse stijl opsnuiven want alles is zo'n beetje Schots getint. Vlakbij het dorpje Bluff, kun je ook de overzet naar het Stewart eiland nemen maar wij hebben dit niet gedaan. We trokken de volgende dag dinsdag (13/03) verder naar Te Anau. Via de Southern Scenic Route reden we door Riverton. Dit stadje is bekend om de rijke geschiedenis van de Maori en als klein vissersdorpje. Daar bezochten we een fabriekje dat schelpen uit de zee haalde om er dan vervolgens souvenirs uit te maken. Het weer was ondertussen veranderd en het begon serieus te regenen en te hagelen. Toen we aankwamen in 'Mc Crackens Rest' wisten we ook dat dit hier heel normaal was. Dit is namelijk het winderigste plekje op aarde en er valt hier gemiddeld 320 dagen regen op een jaar.





    Uiteindelijk kwamen we rond de middag aan in Te Anau waar we dan nog een wandeling van 2h30 gemaakt hadden.



    Te Anau staat bekend om de 3-daagse Kepler Track maar wij kozen voor de uitstap naar het Fjord ' Millfird Sound'.





    Op woensdag trokken wij dan naar Millford Sound die bekend staat om het mooiste stukje natuur van Nieuw Zeeland. Een lange busrit maar zeker de moeite waard. 's Morgens werd ons gezegd dat de routes dichtgesneeuwd zouden zijn door de hevige sneeuwval van vorige nacht. Terwijl het al dagen mooi weer was en ze geen sneeuw verwacht hadden is er de voorbije nacht onverwacht meer dan 20 cm sneeuw gevallen. We hebben het er toch op gewaagd en na 2h vast te zitten geraakten we toch door de sneeuw en konden we daarna de bootcruise nemen om door Milford Sound te varen.





    Het was echt fenomenaal !!!! Daar het veel geregend had de voorbije dagen waren overal kleine watervalletjes te zien. Daar bovenop kwam na de middag de zon toch nog tevoorschijn dus hadden we alles in 1. Zon en sneeuw ... echt prachtig. Wat wil men meer om dit stuk natuur te bewonderen? Wij genoten er in ieder geval van!



    En voila...Zo zie je de tijd vliegt snel want van daaruit reden we terug naar Queenstown en verbleven er 1 nacht om dan verder naar ons beginpunt Christchurch te rijden.





    Gisteren hebben we nog een lunchpauze genomen aan Lake Tekapo die gekend staat om zijn azuurblauw water. Dit komt door het smelten van het gletsjerwater. Woorden schieten soms te kort om dit te omschrijven.





    Vandaag zitten we terug in Kaikoura...en vertrekken morgen naar Wellington. Ons Zuidereiland zit erop en we gaan vanaf morgen op het noordereiland vertoeven. Ietsje warmer maar nog geen 30 graden, maar we vinden dit absoluut niet erg. Het Belgische weertje in Nieuw Zeeland (qua temperatuur) doet ons goed.





    Vele groetjes en tot gauw !



    Inga en Steven


    Terug

    Sebiet vliegertje op richting Ushuaia ..... Brrr
    Maandag 26 maart

    Dag allemaal,



    Zaterdagmorgen 17 maart vertrokken we dus met pak en zak vanuit Kaikoura om rond de middag de ferry te nemen richting Wellington. Toen we we rond 13h00 in onze sofa op het binnendek hadden plaats gevat, bleek al gauw dat het geen plezierboottochtje ging worden.



    De zee was echt wild en mensen werden van het buitendek weggehaald omdat de golven over de ballustrade sloegen.



    Vroeger was deze oversteek een gevaarlijke onderneming, want in het verleden zijn verschillende bootjes hier verdwenen.



    Toen we uiteindelijk rond 16h30 voet aan wal zetten, werden we opgepikt door een stadsbus van de jaren stilletjes die ons afgooide aan onze jeugdherberg. ´s Avonds genoten we na met een glaasje wijn en gingen redelijk op tijd slapen.





    Zondag gingen we dan op verkenning in de stad. We hadden trouwens geluk want we konden een uurtje langer blijven liggen gezien de verandering van zomeruur naar winteruur. We staan deze week dus 13 uur voor op jullie ..... Yeeha !



    Wellington is de hoofdstad van Nieuw Zeeland en er valt hier dus vanalles te beleven.



    't Was zondag dus genoten we na lange tijd eens van een uitgebreid ontbijtje met koffiekoeken en koffie om vervolgens wat in de winkeltjes rond te lopen. In de namiddag bezochten we het gekende 'Te Papa Museum'. Een interactief museum over de Maori cultuur, een cultuur die we al eens eerder ontmoet hadden in Nieuw - Caledonie. Leuk maar dus niets nieuws voor ons.



    In de vooravond slenterden we langs de vele koffiebars in de haven om dan 's avonds gezellig een boekje te lezen in de zetel van de loungeroom.



    Onze laatste week in Nieuw - Zeeland is dus vooral wat uitrusten om er dan binnenkort terug in te vliegen in Zuid Amerika.





    Onze volgende halte was Lake Taupo. Gekend om de goedkoopste skydive plaats in Nieuw - Zeeland en vooral voor de Tongarriro Crossing, een van de mooiste 1dags walkingtrails (wandeltochten) in Nieuw - Zeeland. Wij zagen deze tocht van ongeveer 7 uur door een vulkanisch landschap volledig zitten en zetten diezelfde avond nog al onze spullen klaar. We genoten nog even van het warm brubbelbad (eigendom van de jeugdherberg ) en gingen daarna vroeg slapen gezien we de volgende morgen opgepikt worden rond 5h40. 



    Echter, toen de wekker de volgende morgen om 4h00 zijn werk deed voelden we ons beiden grieperig. Steven bleek koorts te hebben en Inga was ook allesbehalve in topvorm. Hadden we nu iets verkeerds gegeten of was die 45 minuten in het brubbelbad net iets van het goeie teveel? We weten het nog altijd niet. In alle geval hebben we wijselijk beslist om de wandeltocht niet te doen en ons lichaam te laten uitzieken.





    Ook de volgende 2 dagen waarin we verder reden naar Rotorua - het hart van de Maouri - hebben we ons rustig gehouden.



    We hebben er wel kennis gemaakt met een Maourivrouw die ons wat uitleg gaf over hoe haar stamgenoten overleven op de giften van de natuur. Bij ons afscheid kreeg Steven zelfs een handgemaakte ketting met pendel van haar overhandigd. Hiervoor moest hij wel de traditionele groet uitoefenen en dit was ..... "neuze neuze" met die Maouri vrouw. Echt grappig !!





    Verder genoten we in Rotorua van onze jeugherberg en hebben we wat praktische zaken geregeld voor ons vertrek naar Zuid - Amerika. De overtollige trekkerspullen hebben we (met winstmarge) kunnen verkopen en ook onze reisgidsen zijn verkocht. De laatste avond hebben we zelfs kennis gemaakt met een West-Vlaams koppeltje dat ook voor 7 maand op reis was. We hebben tot in de late uurtjes gebabbeld met een glaasje wijn in de hand. Leuk om nog eens met iemand anders gewoon ons eigen dialect te spreken.





    Vrijdag 23 maart reden we dan in 1 rit van Rotorua verder naar Auckland waar we het geluk hadden te logeren bij vrienden van een goeie vriendin van ons. Toen we daar rond 16h00 aankwamen werden we direct ontvoerd door de vriendelijke gastvrouw. Ze nam ons mee voor een typisch Nieuw - Zeelandse traditie. We mochten pintjes gaan drinken met de bouwvakkers die het huis van haar zus aan het bouwen waren. De traditie zegt dat eenmaal het dak op het huis ligt het tijd is om samen dronken te worden. Zover hebben we het echter niet gebracht, maar het ijs was wel direct gebroken en we hebben ons rot geamusseerd. Diezelfde avond stond er een lekker lammenuutje op de kaart en hebben we nog tot heel laat met de nodige wijn verdergekletst.





    Zaterdagmorgen deden de haartjes toch beetje pijn maar rond 9h30 stonden we klaar om samen met de dame en een paar vriendinnen te wandelen rond Auckland. We hebben echt door prachtige tuinen gewandeld, mooie stranden gezien en natuurlijk op tijd gerust voor een koffie´tje. Ipv een of andere citytour hebben we dus te voet gans Auckland verkent. In de namiddag was het dan tijd om alle vuile was te doen en onze rugzakken te herschikken voor ons vertrek de volgende dag naar Santiago de Chile.





    Zondag - vandaag dus - hadden we onze vlucht om 16h20 en lieten we Nieuw - Zeeland achter ons om na een vlucht van 11 uur nog diezelfde dag om 11h05 aan te komen in Zuid - Amerika. Jaja, goed gelezen, we zijn vroeger aangekomen dan we vertrokken zijn. Ipv 13 uur voor op jullie staan we dus vanaf nu 6 uur achter.



    De vlucht is goed verlopen en we zijn goed aangekomen in een klein hostelletje in Santiago. Hier ontmoeten we vanavond onze vrienden terug waarmee we door India en Nepal getrokken zijn. Het zal dus weer niet veel slapen worden maar we kijken er echt wel naar uit.



    Inga is momenteel een menu aan´t prepareren voor deze avond waar ze hun vingers van zullen aflikken. Tal van voorgerechtjes, soep, suchi en pannekoeken .... maw eten genoeg.





    Jammergenoeg vertrekken wij morgenvroeg terug vanuit Santiago om naar het meest zuidelijke puntje ter wereld te vliegen nl Ushuaia. Daar verblijven we 2 weken om te wandelen in Patagonie en van dit prachtige ongerepte landschap te genieten. De temperaturen zouden daar momenteel aanvoelen tot -30 graden Celsius, dus ik vrees dat we nog niet goed beseffen waaraan we beginnen. In alle geval hebben we op 9 april onze vlucht naar Puerto Montt in Chilli. Dit is de laatste vlucht vertrekkende vanuit Ushuaia gezien er na die datum geen vliegtuigen meer kunnen opstijgen en landen door het barkoude weer. Hopen dus dat alles goed verloopt en dat de weersomstandigheden meezitten en de weergoden niet eerder in actie komen want anders moeten we de boot nemen waarmee het weken duurt om op hetzelfde puntje (Puerto Montt) terug te komen. Nuja, we zien wel.





    Voila, ik ga de tafel dekken en hopelijk tot binnenkort.



    Groetjes,



    Steven en Inga

    Terug